Parkstad Limburg is populair. Althans, bij de VPRO. Viermaal in een half jaar tijd stond de voormalige Oostelijke Mijnstreek centraal in reportages van de omroep. De meest recente uitzendingen, een tweeluik over Parkstad in De Slag om Nederland, stonden in het teken van de buitenring en het prestigieuze Maankwartier.
Kloeke megaprojecten, noemt het programma ze. Projecten om van de voormalige Oostelijke Mijnstreek een stad te maken. Want in Nederland trekken mensen van het platteland naar de stad. Maar een stad word je niet door er een etiket op te plakken. En dus heeft Parkstad Limburg grootstedelijkheid nodig. Bijvoorbeeld door een snelweg aan te legen rond de acht gemeenten én het enige échte centrum, Heerlen, flink aan te pakken.
Tendentieus, eenzijdig en vol onwaarheden. De meningen in mijn kennissenkring over de documentaire die VPRO’s Slag Om Nederland vorige week maandag uitzond over de nieuwbouw van Arcus College Heerlen zijn niet mals. Onterecht. Ja, de documentairemakers gaan kort door de bocht. Maar nee, het beeld van onderwijs in Nederland anno 2012 dat wordt geschetst is juist.
Lees verder bij ZwartGoud of bij Joop.nl (waar een uitgebreidere, meer op heel Nederland gericht artikel staat).
Slechts één maal was de spanning om te snijden. Gisteravond, tijdens de tweede uitzending van Wintergasten, hielden Antony Hegarty en interviewer Leon Verdonschot elkaar knap in evenwicht. Tot het moment waarop Verdonschot het voortouw nam. Hegarty verkrampte, raakte zichtbaar geïrriteerd. Niet omdat Verdonschot het woord nam. Nee, de interviewer verbrak onbewust de magie van het moment.
Collegadocent Hein Bijvoet wist vanochtend aan te geven waar de schoen wrong: “Hegarty heeft besloten zonder ironie te leven. Bewust, wel te verstaan.” En tja, Verdonschot verviel inderdaad in postmoderne ironie. Het tweetal had zojuist gekeken naar een magistrale toesprak van Robert Kennedy naar aanleiding van de zojuist gepleegde moord op Martin Luther King. Knap geïmproviseerd, formuleerde Verdonschot, maar was Kennedy wel oprecht? De ogen van Hegarty schoten vuur. De gedachte alleen al.
Hegarty is een bijzonder mens. Zijn muziek doet me niet zoveel, maar wanneer de in New York woonachtige Brit vertelt hang ik aan zijn lippen. Hegarty geeft zich bloot. Tegen beter weten in. Volstrekt oprecht. Eerlijk, ook. Zijn ideeën over sekse deel ik niet – sekse is een sociale constructie, daar is niets ‘natuurlijks aan’ – maar ik onderschrijf zijn fundamentele kritiek op de westerse neiging tot dichotomie. Daar hebben we immers de absurde hokjes man en vrouw aan te danken. Hegarty past in geen van beide. Voelt zich er niet thuis. Hij heeft uiteindelijk leren leven in de wereld die niet te zijne is, een wereld die draait om regels en structuren die niet de zijne zijn. Hegarty staat ernaast, observeert, constateert,accepteert ze maar weigert zich aan ze te onderwerpen.
Zonder ironie. Ik kan dat niet, een systeem dat aantoonbaar ridicuul is accepteren, laten bestaan. Was ik Verdonschot geweest, ik had Hegarty bij de schouders gepakt, hem door elkaar geschud, hem gezegd dat hij de wereld niet moest accepteren zoals ze is. Dat hij de domheid, de stuitende onwetendheid moest bestrijden. De wereld meer zijn wereld zou moeten maken. Niet Verdonschot. Één mistap beging hij maar. Verder legde hij Hegarty niets in de weg. En zo mocht die zijn pijnlijk naïeve wereldbeeld ontvouwen. Pijnlijk omdat het me duidelijk maakt dat de ironie bij mij inmiddels is vervangen door cynisme. En dat moet anders. Dit jaar wil ik een beetje meer als Hegarty zijn.
Wintergasten met Antony Hegarty en Leon Verdonschot wordt aanstaande zaterdag 8 januari om 13.55 herhaald op Ned 2.
“Een kutboel is het hier!”, klinkt het in Krimpen aan de Maas, het tweede deel van de Tegenlicht-documentairereeks Nederland Op De Tekentafel, een onderzoek naar de toekomst van grensregio’s, dat gisteravond werd uitgezonden op het publieke Net 2. Beelden van een desolaat, stedelijk landschap vergezellen de roep om aandacht. Verwaarloosde huizenblokken en lege plekken wisselen elkaar af. De documentairemakers nemen niet de moeite de schreeuwer te vragen naar zijn motivatie. Het scenario voor de uitzending lag al vast. Gemaakt op de tekentafel in Hilversum.
En daar zijn ze weer: Bas Heijne en Zygmunt Bauman. Natuurlijk, het begrip vloeibare identiteit van socioloog Bauman verklaart waarom mensen zich in een geglobaliseerde maatschappij niet op hun plek voelen. Maar dat weet de VPRO-kijker nu onderhand wel. Bauman komt immers elk jaar wel een keer langs. Er zijn interessantere gezichtspunten om de Nederlandse problematiek van Randstad versus de grensregio’s te duiden. En tja, Heijne diskwalificeert zich door enkel te praten in algemeenheden en standaard sociologische begrippen. Logisch. Hij is geen socioloog. En hij woont in de Randstad. Iets zinnigs over grensregio’s zegt hij niet.
Goed, teleurstellende eerste aflevering dus van Nederland Op De Tekentafel, een onderzoek naar de toekomst van onze grensregio’s. De combinatie matige theoretische onderbouwing – die ook nog eens niet relevant is – en typisch tegenover elkaar zetten van stad en platteland doet geen recht aan de complexiteit van het vraagstuk. Gemiste kans. En zonde. Waar het fout is gegaan? Het lijkt erop dat Tegenlicht vooral vanuit de eigen positie, de Randstad dus, heeft gedacht. En daar zit nu juist niet de kennis die nodig is om een écht interessante kijk te geven op de problematiek. Tegenlicht heeft nog drie afleveringen om aan te tonen dat Nederland Op De Tekentafel iets substantieels toevoegt. Ik hoop dat het programma daarin slaagt.
Kijk hier de eerste aflevering. Meer info bij Tegenlicht.