journalistiek, pop

POP MEDIA PRIJS NAAR JAN VAN DER PLAS

Bij de laatste vier zitten van genomineerden voor de Pop Media Prijs is als meedoen aan de loto: je weet dat je eigenlijk geen kans maakt en toch hoop je. Gisteren gierden de zenuwen dan ook door mijn lijf. Tegen beter weten in. Er gebeurde wat iedereen al had verwacht: Jan van der Plas won de Pop Media Prijs 2008.

Terecht. Zijn 50 Jaar Nederpop is een project van groot belang en toont aan dat Van der Plas er alles aan gelegen is om de geschiedenis van de popmuziek te doorgronden. Mijn eigen journalistieke producten in 2008 geven het tegenovergestelde beeld. Geen lijn, geen richting, van alles wat eigenlijk.

Goed, al met al heeft mijn nominatie wel een belangrijk effect gehad: ik zal mijn journalistieke werk in 2009 niet zo laten versloffen als in het afgelopen jaar. Plannen te over hier. Maar daarover later meer.

Standard
journalistiek, nieuwe media, oude media, pop

BIJ DE EERSTE VIER

Nooit verwacht, toch gebeurd. Ik ben één van de vier genomineerden voor de Pop Media Prijs 2008. Vreemd genoeg heb ik in 2008 juist weinig geschreven. Waarschijnlijk heeft een artikel in OOR de jury op mijn spoor gezet. ach, blij met de nominatie? Zeker!

Vrienden en bekenden weten dat ik het niet zo prijzen heb. Die worden in ons land doorgaans uitgereikt aan vrienden of – erger – aan tevredenstellende middelmaat. De jury van de Pop Media Prijs gaat dit jaar echter niet voor de gemakkelijke weg. Mijn nominatie is lastig te verdedigen. Ik werk immers buiten de spotlights van de traditionele popjournalistiek.

Oké, mijn artikel over de geschiedenis van de Rotterdamse club Parkzicht, begin dit jaar in OOR, viel vast op. Mijn meer sociologisch getinte artikelen over dubstep en neodisco vast ook. Maar die dateren van vorig jaar. Nee, echt typerend voor mijn schrijfstijl zijn mijn recente artikelen over nieuwe media (‘2.0’) voor Glamcult en de interviews met Supermayer, LCD Soundsystem, Sonic Youth en Popnoname voor dat blad.

Dan is er nog cut-up. Mijn baby die inmiddels is gaan puberen. Lastig, maar ik heb goede hoop. Sterjournalist daar is overigens Peter Bruyn, waarvan ik hoop dat hij de Pop Media Prijs in de wacht sleept. Dat wordt namelijk tijd. Dit jaar maakt hij geen kans. Mijn drie medegenomineerden zijn Rob Stenders, Jan van der Plas en Jean-Paul Heck.

Geduchte concurrenten. Stenders richtte een onlineradiostation op. Niet echt schokkend, maar in ouderwetste popjournalistieke kringen nog steeds een daad van opperste vernieuwing. Van der Plas werkte keihard aan zijn 50 Jaar Nederpop. Heck schreef een boek en deed zijn ding voor de Telegraaf.

Of ik een kans maak? Ach, meedoen is al fijn genoeg. Tijdens Noorderslag mag ik met de heren in discussie en daar heb ik nu al zin in. Misschien ben ik juist daarom wel uitgekozen. Al vraag ik me af of de jury mijn artikelen over de staat van de Nederlandse popjournalistiek heeft gelezen. Vrijdag 16 januari wordt de winnaar van de Pop Media Prijs 2008 tijdens Noorderslag in Groningen bekend gemaakt. Ik ben heel erg benieuwd.

link
Genomineerden Pop Media Prijs bekend (bij MCN)

Standard
journalistiek, pop

LIJSTJES EN PRIJZEN

November is de maand van de lijstjes die in december gepubliceerd worden. OOR vroeg me in de eerste week van november al naar mijn tien favoriete albums van 2008. Veel te vroeg. Zeker na het horen van de nieuwe Gaiser, Blank Fade. Maar ach. Het zijn maar lijstjes, nietwaar?

Nog zo’n lijstje: de Pop Media Prijs-shortlist. Een lijst van 86 popmedia/popjournalisten die kans maken op een prijs. Ook ik sta er tussen, al klopt het lijstje van opdrachtgevers niet. Zo werk ik al tijden niet meer voor de GPD-kranten en is het vermelden van mijn blog wel erg overdreven. Maar goed. Winnen wil ik de prijs niet. Te meer omdat er een bijzonder prestatie geleverd dient te zijn. Buiten mijn lange artikel over Parkzicht in OOR en mijn 2.0-reeks in Glamcult heb ik dit jaar niet veel bijzonders geschreven.

Toch: stemmen mag altijd. Aangezien er dit jaar gestemd mag worden op vijf namen, raad ik je aan eveneens de hokjes aan te vinken van Peter Bruyn en Job de Wit. Bruyn is zonder meer de beste en meest ondergewaarde popjournalist van Nederland. Het wordt tijd dat hij erkenning krijgt voor zijn werk. De Wit schreef met Roxy en de Houserevolutie een boek dat heerlijk wegleest.

Stemmen kan op de website van het Muziek Centrum Nederland (voorheen het Nationaal Pop Instituut).

Standard