Shunda K heeft een beetje hetzelfde probleem als Mathangi ‘M.I.A.’ Arulpragasam: hoe extremer ze uit de hoek komt, hoe steviger ze door de culturele elite wordt omarmd. Zonde want de boodschap van de Amerikaanse mc verdient aandacht. Eerder dit jaar werkte ze mee aan It Gets Better, een project om jonge homo’s, lesbo’s en transgenders een hart onder de riem te steken.
Deed ze al met Yo! Majesty. Het duo maakte één album, Futuristically Speaking… Never Be Afraid. Niet naar luisteren. Aardige beats, slechte raps. Lashunda Nicole Flowers verliet de band in 2009. De lesbische – al was ze getrouwd met een man -, christelijke mc uit Tampa, Florida kent haar tekortkomingen. Vorig jaar werkte ze samen met Peaches. Op The Most Wanted rapt ze maar op een drietal nummers alleen. Doet ze een stuk beter dan voorheen.
Muzikaal is The Most Wanted een verademing. Hiphop, Baltimore club, crunk, soul en pop vloeien er in elkaar over. ‘Stoopid’, ‘My Light’ en ‘It’s Time To Get Paid’ zijn aanstekelijke liedjes waar Lady Gaga jaloers op is: slick maar met brutale rafelranden. In ‘Feel Da Bass’ – samen met Fly Gitt – en ‘Dancing’ – in een Deekline & Pure SX-remix – gaat Shunda K er stukken steviger tegenaan. Tekstueel laat de Amerikaanse er geen gras over groeien. Seks en seksualiteit vormen de basis. Maar de belangrijkste boodschap is universeler: ben trots op wie je bent, geef nooit op, als je wilt kun je alles. Kijk maar naar mij, voegt Shunda K daar continu aan toe.
Mag ze best. Niet alle stijlmixen komen op dit debuutalbum even goed uit de verf, maar in tegenstelling tot een Lady Gaga (doet tegendraads maar is zo mainstream als ‘t maar kan) heeft Shuna K wel de muzikale durf én inhoudelijke diepgang om een positieve invloed te hebben op een jonge doelgroep die opgroeit in een wereld die steeds minder tolerant wordt voor afwijkingen van de ‘standaard’. Shunda K is geen standaard. Komt daar openlijk en met grote mond voor uit. En dat verdient respect.
Zalvende ritmes, opgeknipte ritmes, glitch. Ja, met een beetje fantasie klinkt Ardour van Teebs als een mix van Flying Lotus en Burial. Mtendere Mandow, die achter het alias Teebs schuilgaat, groeide op in New York, bekwaamde zich er in de visuele kunsten en verkaste een paar jaar geleden naar Los Angeles. Daar raakte hij besmet met het muziekvirus. Een goede zaak, zo is te horen én zien (hij ontwierp zijn hoes zelf) op dit langspeeldebuut voor Brainfeeder. Precies ja, het label van Flying Lotus.
Het is eenvoudig om zijn ‘wonky’ stijl te koppelen aan die van Gaslamp Killer en Lorn, andere producers die Flying Lotus inmiddels om zich heen heeft verzameld. En ja, er zijn overeenkomsten. De benadering van Teebs is in ieder geval een stuk lichter dan die van zijn genregenoten. De lo-fi hiphop op Ardour is breekbaar, onvast, hypnotiserend maar altijd positief. Dat schurende laagje dat bij Burial zorgt voor een vervreemdend gevoel ontbreekt. Maakt de muziek er overigens niet minder prachtig om. Ardour is een soundtrack voor een betere wereld. En ja, dat is de kracht van dit debuut: tijdens het luisteren geloof je daar heilig in. Dé reden voor Flying Lotus om Teebs op z’n label te laten debuteren: ‘Teebs music sounds like an island vacation. The way Avatar looks.’
In die film blijkt overigens niets wat het lijkt. Geldt vast ook voor die paradijselijke glitchpop van Teebs. Bij Eskmo – vernoemd naar het LA-gezelschap The Residents – is dat meteen duidelijk. Die iets noordelijker – in San Francisco -woonachtige landgenoot van Mandow klinkt altijd verontrustend. Al klinkt Brendan Angelides tegenwoordig een stuk toegankelijker dan in het verleden. Rauwe dubstep heeft plaatsgemaakt voor een allegaartje van stotterende ritmes, diepe bassen, repetitieve vocalen en glitch. Minder toegankelijk dan de etherische melodieën van Teebs, maar beslist gemakkelijker te verhapstukken dan de soms driftig buiten de lijntjes kleurende Flying Lotus. In het beslist funky ‘The Melody’ is bijvoorbeeld de soul van Brit Jamie Lidell niet ver weg. Kortom, muziek die perfect past in de urbane smeltkroes die Brainfeeder steeds meer begint te worden. Al komt zijn titelloze langspeeldebuut uit op het Britse Ninja Tune.
Er broeit iets in Californië. Muziek die doet denken aan die trage, experimentele hiphop uit de jaren negentig. En ook ideologisch is er een link. Ook headz, want zo werd het genre destijds genoemd, was ideale ontsnappingsmuziek. Al klinkt die vlucht tegenwoordig een stuk minder donker.
Luister naar Wind Loop van Teebs:
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Luister naar The Melody van Eskmo:
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
“Daar zijn mijn armen toch écht te kort voor”, lacht de jongen die bezig is een bouwstellage te ontmantelen. Zijn handlanger kijkt niet op of om. Geconcentreerd spuit hij verf op een lege muur aan de Schinkelstraat. De contouren van het prachtige kunstwerk dat ze er maken, is al zichtbaar. Graffiti, straatcultuur. Maar James Jetlag – oprichter van de organisatie die de schildering aanbrengt – noemt zichzelf liever ‘muralist’.
Zelden klinkt maatschappijkritiek zo opwindend als op Die ganze Kraft einer Kultur, het eerste album van Mediengruppe Telekommander. Muziektijdschrift Spex noemde de plaat één van de beste debuten van het afgelopen jaar. Terecht, het duo is immers meester in het leveren van verzet gevat in energieke popliedjes met punkattitude. Geen verzet tegen het systeem, maar tegen zichzelf. “Wij leveren vooral zelfkritiek.”
Oei! Laatste post? Het lijstje van vorige week maandag. Dat betekent? Precies ja. Nu kan ik natuurlijk plechtig beloven dat ik mijn blog vanaf nu weer veel aandacht ga geven. Waarvan acte. Vandaag in ieder geval weer een lijstje. Wegens griep, die behoorlijk heftig was (hoe erg? Zelfs geen zin in het luisteren van muziek. Zo erg dus), ditmaal weer een ludiek lijstje. Onder het mom van ‘Amerikaanse hiphop is al vanaf midden jaren negentig zwaar overgewaardeerd en Amerikaans (niet Brits) is de lelijkste raptaal ooit én in Holland is Kyteman zo lekker underground gebleven en kan Frans B zo goed met kinderen omgaan’ een rondje buren (en één keertje vliegen).
1. Kery James & Mac Tyer – Patrimoine du Ghetto Calista Film (Frankrijk)
Een van de meest innovatieve platenlabels ooit. Dat is Warp uit Sheffield zonder meer. Met kopstukken als Aphex Twin, Black Dog en Autechre schreef het label muziekgeschiedenis.
Zo’n tien jaar geleden kwam de klad erin. Het succes steeg Warp naar het hoofd. Gitaarbands werden getekend en uitgebracht, epigonen van het oude, vernieuwende geluid kregen een plekje in de indrukwekkende portfolie. De verhuizing naar Londen vormde uiteindelijk de doodsteek.
Niet dat Warp geen interessante acts uitbrengt. Zeker niet. Zo mind blowing als vroeger is het materiaal echter niet meer. Er zijn uitzonderingen. Los Angeles van Flying Lotus bijvoorbeeld. Een Amerikaan die eerder een album uitbracht op Plug Research. Klinkt als? Experimentele Headz. Je weet wel: hiphop zoals hiphop hoort te klinken. Druggy en zonder al te veel vocalen. Rap is immers geen hiphop. Op Los Angeles maakt Flying Lotus uitstapjes naar house, italo, new wave en minimal.
Kijk en luister naar de clip hieronder en overtuig je zelf.