Tag: bult


eindelijk weg

April 2nd, 2008 — 10:57am

Hij is weg, die bult op m’n kin. Precies op tijd volgens de chirurg. De huid zat er zo strak omheen dat een uitbarsting onvermijdelijk was geworden, deelde hij me mede. ‘Dat wil je niet meemaken’, lachte hij. Het hield me op de operatietafel. Goed, het was voor het eerst dat ik geopereerd werd. En dan is ‘opereren’ eigenlijk een groot woord, vond ik. Zo’n bult op je kin, das toch gewoon een sneetje maken, eruit wippen, dicht maken en klaar is ‘t?

Bleek dus anders. Allereerst moest ik mijn vlucht-instinct onderdrukken. De aanblik van die tafel, het ‘gereedschap’, de chirurg en assistente die zich van top tot teen hadden gekleed als in ER en de vrolijke klassieke muziek die uit de speakers druppelde werden me bijna teveel. Dan liever gewoon een bult op mijn kin, dacht ik. Tot het uitbarstingverhaal van de beste man. Alles liever dan dat.

Terwijl de chirurg vrolijk keuvelde met de assistente, drukte hij zes spuiten met verdovingsvloeistof in mijn kin. En pijn dat het deed! Na een minuut of drie was het ding eruit, maar blijkbaar bloedde ik als een rund. ‘Waar blijft ze nou, we moeten die bloedvaten dicht branden. Ze kan echt niet langer wegblijven, hoor’, mompelde de chirurg. Hoorde ik daar een lichte paniek in zijn stem. Ja, dat hoorde ik. En daar was ze weer, de assistente. Met een soort soldeerbout.

Het dichtbranden zelf voelde ik uiteraard niet, wel rook ik een penetrante schoeilucht. Van mijn eigen vlees. ‘Het zijn er wel veel’, mopperde de chirurg. Om me op mijn gemak te stellen, vroeg de chirurg naar mijn beroep. Met gedrogeerde stem – die verdomde verdoving – grapte ik dat ik voor het Haarlems Dagblad schreef en een reportage maakte over kleine chirurgische ingrepen. Zorgde voor een flik gekwetter rond de tafel. De schroeilucht bleef ik ruiken.

Na afloop mocht ik de cyste met eigen ogen aanschouwen. Wat een joekel van een ding zeg, het leek wel een knikker. Mooi wit, omgeven door een vliesje bloed. Nee, meenemen mocht niet. Als Menzis om bewijsmateriaal vraagt, moest ie opgestuurd kunnen worden. Het moet niet gekker worden met die verzekeraars. Met een grote pleister en want hechtstrips op zak mocht ik het ziekenhuis weer verlaten. Oh ja, er was ook nog een advies: als het gaat bloeden gewoon met en stevig voorwerp hard op de wond drukken, zo’n tien minuten was genoeg.

Goed, buiten die verdomde verdoving had ik nergens last van. Dus fietste ik met gebogen hoofd – het regende – naar huis en kroop daar achter mijn macbook pro om weer aan het werk te gaan. Fijn ging dat niet. De verdoving, de spanning, geen idee wat, maar ik voelde me verre van goed. Tot overmaat van ramp had het bloed zich een weg door de pleister gebaand. In donkerrode druppels viel het naast me neer.

Navraag leerde: na een operatie, hoe klein ook, dien je rust te houden en, in dit geval, het hoofd overeind te houden. Dat bloeden ging nog enkele uren door. Ook nadat ik er een ontzettend grote wondpleister op plakte die nog steeds mijn halve kin bestrijkt. Uiteindelijk heb ik redelijk geslapen. Wel werd ik, bang dat ik in mijn slaap op mijn buik zou draaien, steeds wakker.

Nu gaat het best goed. Geen verdoving meer, geen pijn en geen bloed. Alleen die half met bloed doorweekte enorme pleister op mijn kin baart me zorgen (echt drie keer zo groot als op onderstaande foto die ik gisteren nam voor het echte bloeden begon). Zo kan ik toch onmogelijk naar buiten? Morgen moet ik wel. Eindpresentaties van het Music Mayday Project door mijn studenten. Straks maar even langs de doktersassistente.

9 comments » | Uncategorized

ja, hij is er nog

March 31st, 2008 — 5:07pm

Zelden kom ik in ziekenhuizen. Alleen wanneer ik er anderen bezoek. Vanochtend werd ik badend in het zweet wakker. Er stond immers een bezoek naar het Kennemer Gasthuis op het programma en ditmaal ging ik zelf onder het mes. Toch bleef ik de angst sereen de baas. Om kwart voor drie zou ik er immers weer naar buiten slenteren. Zonder bult.

Niets van dat. Rond die tijd stond ik verdwaasd mijn fiets te openen voor de ingang van het ziekenhuis in Haarlem. Mét bult. De afspraak die ik er had, bleek er geen om de bult op mijn kin definitief te verwijderen. Nee, het bleek een oriënterend gesprek. Een wederzijds aftasten. Het weghalen van een kleine bult is immers geen eenvoudige aangelegenheid. Ja, plastisch chirurg-technisch is het een routineklus, verzekeringtechnisch niet.

En zo voelde de arts even kort aan mijn bult en dook hij daarna in de papieren. Stond het verwijderen van een ronde bult op mijn kin immers op de zwarte lijst van mijn verzekeraar Menzis, dan was een operatie niet mogelijk. Tenzij ik hem uit eigen zak wilde betalen, natuurlijk. Het bleek nog niet zo eenvoudig om te achterhalen of ik nu wel of niet in aanmerking kwam voor een operatie. Drie minuten lang bladerde de arts door een stapeltje papieren met het Menzis-logo erop. Een keer liep hij zuchtend naar een verpleegster om raad te vragen.

Na precies vijf minuten en twaalf seconden was hij eruit: de operatie werd vergoed. ‘Mooi’, zei ik opgelucht, ‘kunnen we nu aan de slag.’ Maar natuurlijk, reageerde de arts en leidde me naar een loket waar ik een afspraak kon maken voor de daadwerkelijke operatie. ‘Ruimt u er wel tien minuten voor in? Tot ziens, meneer Ploeg.’ En weg was ie weer. Gelukkig bleek de loketiste annex verpleegster zeer behulpzaam. Eigenlijk kon ik pas in juli onder het mes, maar hé, door een afzegging was er morgen een plekje vrij. Dat maar doen, of nog drie maanden met een bult op mijn kin rondlopen?

Morgen begeef ik me dus wederom naar het Kennemer Gasthuis in Haarlem. Of ik dan wel rond een uur of twee buiten sta zonder bult op mijn kin? Ik heb goede hoop.

5 comments » | Uncategorized

dááág bult, ik zal je missen

March 30th, 2008 — 10:20pm

Morgen is het zover. Na meer dan tien jaar word ik verlost van de vreemde uitstulping op mijn kin. Eerlijk is eerlijk: mij viel het ding niet eens meer op. Anderen wel. Niet dat ik me daar iets van aantrek. Althans, tot voor kort.

Tien jaar geleden zat er slechts een hele kleine bult op mijn kin. Nauwelijks te zien en na een nacht pijn lijden door een vervelende ontsteking die mijn halve gezicht ontsierde, verloste mijn toenmalige arts me van een flinke hoeveelheid viezigheid.

Een klein aandenken aan het vervelende gebeurtenis vond ik destijds best oké. Dat het ding uiteindelijk zou uitgroeien tot een ferme bult van paar paar centimeter in omtrek was echter niet de bedoeling. Er zijn mensen die me niet eens kennen zonder bult op mijn kin. Ongelooflijk, maar waar.

Maar waarom wil ik er nu plotseling van af? Drie redenen. Allereerst bezorgt het ding me tegenwoordig problemen bij het scheren. Mijn mesje blijft erin haken. Dat maakt het alleen nog maar erger: een bult op mijn kin met bloederige wondjes. Nog een reden. Onlangs sloeg een collega van me in de lift een hand voor haar mond. ‘Wat zit daar op je kin?’, vroeg ze geschrokken. Mijn bult dus.

Laatste lastige moment. Een intiem rendezvous met een prachtige, slimme en mooie vrouw zorgde voor een pijnlijk moment. Letterlijk. Op de plek waar mijn bult haar kin raakte, bleef dagenlang een beurse plek zichtbaar. Haar boodschap: die bult weg of ik.

Tja. Geen moeilijke keuze. Morgen start mijn tweede bultloze tijdperk. Ik zal ‘m missen. Jullie ook?

10 comments » | Uncategorized

Back to top