<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>observaties vanaf de zijlijn &#187; oude media</title>
	<atom:link href="http://www.theoploeg.net/category/oude-media/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.theoploeg.net</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Sat, 31 Jul 2010 15:10:48 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.0.1</generator>
		<item>
		<title>Glamcult, web 2.0 en ik</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/07/30/glamcult-web-2-0-en-ik/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=glamcult-web-2-0-en-ik</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/07/30/glamcult-web-2-0-en-ik/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 30 Jul 2010 13:39:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[glamcult]]></category>
		<category><![CDATA[muziek]]></category>
		<category><![CDATA[porno hype]]></category>
		<category><![CDATA[verzet]]></category>
		<category><![CDATA[web 2.0]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=905</guid>
		<description><![CDATA[Ja, ik mis het wel. In mijn Glamcult-periode schreef ik iedere maand een artikel over een onderwerp naar keuze. De vrijheid die ik bij Glamcult heb gekregen is uniek. Daar ben ik Rogier Vlaming, Hanka van der Voet en Vanessa Groenewegen ontzettend dankbaar voor. Want mijn achtergrondverhalen over bijvoorbeeld neodisco en dubstep waren geen lichte [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Ja, ik mis het wel. In mijn Glamcult-periode schreef ik iedere maand een artikel over een onderwerp naar keuze. De vrijheid die ik bij Glamcult heb gekregen is uniek. Daar ben ik Rogier Vlaming, Hanka van der Voet en Vanessa Groenewegen ontzettend dankbaar voor. Want mijn achtergrondverhalen over bijvoorbeeld neodisco en dubstep waren geen lichte kost.</p>
<p><img class="alignright" title="Glamcult" src="http://www.theoploeg.net/images/glamcult.jpg" alt="" width="299" height="400" />En om de Glamcult-lezer lastig te vallen met sociologie en nieuwe media? Ik deed het in 2007 en 2008 vier keer. Waarvan overigens één keer met Saskia Hoogerhuis. Helaas zijn de artikelen niet meer te vinden. Daarom nu online. Niet geredigeerd en heel lelijk als kale pdf.</p>
<p><a href="http://theoploeg.net/documenten/2.0/verzet20.pdf" target="_blank">Verzet 2.0</a> in Glamcult van oktober 2007.<br />
<a href="http://theoploeg.net/documenten/2.0/porno20.pdf" target="_blank"> Porno 2.0</a> in Glamcult januari 2008.<br />
<a href="http://theoploeg.net/documenten/2.0/hype20.pdf" target="_blank"> Hype 2.0</a>, met Saskia Hoogerhuis, in Glamcult van mei 2008.<br />
<a href="http://theoploeg.net/documenten/2.0/muziek20.pdf" target="_blank"> Muziek 2.0</a> in Glamcult van december 2008.</p>
<p>Inmiddels zijn de artikelen, geschreven in de tijd dat 2.0 gezien werd als nieuw toverwoord, tussen de twee en bijna drie jaar oud. Die 2.0 was, uiteraard, ironisch bedoeld. Inhoudelijk zijn de stukken echter nog behoorlijk relevant. De problematiek die ik er in beschrijf speelt nog steeds. Sterker: regelmatig duiken in de kwaliteitskranten en opiniebladen artikelen op die eenzelfde onderwerp proberen te duiden maar veel minder diep gaan. Of de plank volledig mis slaan.</p>
<p>Zonde.</p>
<p>Dat sterkt mij in de gedachte dat ik meer moet schrijven over (nieuwe) media vanuit een sociologisch perspectief. Dat doe ik nu namelijk veel te weinig. Dat bovenstaande artikelen nu zo prominent op mijn blog prijken zorgt wellicht voor een stok achter de deur. Op mijn kersvers aangeschafte whiteboard staan in ieder geval al twee onderwerpen waarover ik de komende weken wil gaan schrijven. Die worden gepubliceerd op Frankfurt van Gonzo (circus).</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/07/30/glamcult-web-2-0-en-ik/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Bloghelden: het probleem dat geschiedenis heet.</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/07/01/bloghelden-het-probleem-dat-geschiedenis-heet/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=bloghelden-het-probleem-dat-geschiedenis-heet</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/07/01/bloghelden-het-probleem-dat-geschiedenis-heet/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 01 Jul 2010 08:38:49 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[recensie]]></category>
		<category><![CDATA[bloggen]]></category>
		<category><![CDATA[Bloghelden]]></category>
		<category><![CDATA[Dutch Bloggies]]></category>
		<category><![CDATA[Frank Meeuwsen]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=830</guid>
		<description><![CDATA[Het heeft z’n charme, je eigen geschiedenis schrijven. Frank Meeuwsen deed het in Bloghelden, een boek over bloggen in Nederland. Vermakelijk boek, zonder meer. Een geschiedenisles is het echter niet. Die verdomde jaren negentig. Gisteren had ik het er nog over met Dave Roozendaal, ook blogger en woonachtig in Madrid. Laat ik eerlijk zijn: ik [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het heeft z’n charme, je eigen geschiedenis schrijven. Frank Meeuwsen deed het in <em>Bloghelden</em>, een boek over bloggen in Nederland. Vermakelijk boek, zonder meer. Een geschiedenisles is het echter niet.</p>
<p>Die verdomde jaren negentig. Gisteren had ik het er nog over met Dave Roozendaal, ook blogger en woonachtig in Madrid. Laat ik eerlijk zijn: ik ben meer een webzine-mens dan een blogger. Vanaf het begin van deze eeuw heb ik een groot deel van mijn energie gestoken in magazines op het web. Met succes, overigens. Mijn blog? Die hing er altijd maar een beetje bij. Dat gevoel heb ik nog steeds. En elke maand neem ik me voor daar verandering in te brengen. Dat betekent overigens niet dat ik geen fervent lezer ben van blogs. Sinds mijn vader begin jaren negentig van de vorige eeuw een inbelverbinding nam, ben ik verknocht aan het internet. Ik was er dus bij die eerste jaren. Al werd ik pas actief contentmaker rond 1995.</p>
<p><img class="alignright" title="Frank Meeuwsen - Bloghelden" src="http://www.theoploeg.net/images/bloghelden.jpg" alt="" width="150" height="212" />De tijdsperiode die <em>Bloghelden</em> bestrijkt, grofweg tussen 1995 en 2005, heb ik dus bewust meegemaakt. Misschien is dat wel wat me stoort aan het boek van Frank Meeuwsen: zijn geschiedenis is niet de mijne. toch, ik heb genoten van <em>Bloghelden</em>. Zijn verhalen werken aanstekelijk, zijn deels vertrouwd en doen terugdenken aan de tijd dat het internet nog ontgonnen moest worden. Wat is er dan precies mis? Dat is lastig uit te leggen. De geschiedenis van bloggen in Nederland is nog jong, kent nog geen discours, nog geen canon. Dat maakt het lastig kritiek te hebben op <em>Bloghelden</em>. Ik ga het toch proberen.</p>
<p>Goed, allereerst zijn de ervaringen en de visie van Meeuwsen zelf van groot belang. In het voorwoord schrijft hij: “Na 2006 is er geen logisch en natuurlijk einde aan te wijzen voor een boek over dit onderwerp. Ik ga dan ook niet proberen om het toch te doen. Dit boek ademt misschien nostalgie. Het ‘vroeger was alles beter’-syndroom.” Meeuwsen steekt er, terecht, de hand in eigen boezem, maar blijkt in de rest van boek ook niet in staat om zichzelf te overstijgen. Ja, hij heeft de lezer gewaarschuwd in het voorwoord, maar dat is toch wat al te gemakkelijk. Zijn, veel te lange, beschrijving van de Dutch Bloggies is daar het beste voorbeeld van. In mijn web-kringen staat die verkiezing niet bepaald in hoog aanzien. Meeuwsen stipt pijnlijk aan hoe dat komt, maar blijft vooral mede-organisator van de verkiezing. Afstand bewaart hij niet. Hij verdedigt meer dan dat hij duidt.</p>
<p>En zo is het eigenlijk ook met de rest van het boek. Meeuwsen beticht Francisco van Jole ervan GeenStijl veel te hard aan te pakken tijdens de live-uitzending van B&amp;W in 2004. Terecht, maar kritiek op GeenStijl levert Meeuwsen nauwelijks. Dat is vreemd. Tenminste, vanuit de positie van kritisch beschouwer. Dát wil Meeuwsen dan ook niet zijn. Dat wringt. Meeuwsen zegt het niet met zoveel woorden, maar <em>Bloghelden</em> leest als een boek dat wel degelijk recht doet aan de geschiedenis. Hij schrijft (de eindredactie heeft overigens geen goed werk afgeleverd): “Dit boek is het voorlopige eindproduct van een proces wat we online co-creatie zouden noemen.” Geschiedenis die geschreven wordt zoals Wikipedia dat doet: de kennis van iedereen die heeft bijdragen (en iedereen die door Meeuwsen is benaderd) bij elkaar gebracht.</p>
<p>Dat deelt het boek in twee, duidelijk herkenbare, delen. De geschiedenis van de opkomst in Nederland is goed gedocumenteerd en onderzocht. Het deel over bloggen lijkt willekeurig en persoonlijk. Meeuwsen had ook daar verder moeten kijken dan zijn netwerk lang is. Door dat niet te doen beschrijft hij de geschiedenis van een beperkt aantal blogs in een beperkt aantal genres. Twee eigenlijk: nieuws en persoonlijke lifestyle. Die keuze wordt nergens onderbouwd. Dat is vreemd, want bloggers in Nederland schreven en schrijven ook over cultuur, over wiskunde, over popmuziek. Ik zeg niet dat die blogs belangrijk zijn geweest voor de blogcultuur in Nederland, dat dient onderzocht te worden. Mijn gevoel zegt echter dat dat wél het geval is. De opkomst van de popjournalistiek op het web, waar ik zelf regelmatig over geschreven hebt, is voor een belangrijk deel terug te voeren op blogs. Op de reisblog van Niels van der Tang, bijvoorbeeld, dat later zou evolueren in KindaMuzik, toch één van de belangrijkste webzines over popmuziek in Nederland. Op de nieuwsgroepen van Yahoo en bloggers als Chez Lubacov (de eerder genoemde Dave Roozendaal) die later zouden samenkomen in het journalistencollectief De Subjectivisten.</p>
<p>Dat is mijn geschiedenis. En die lees ik helemaal niet terug, zelfs geen voetnoot, in <em>Bloghelden</em>. En zo zullen er meer geschiedenislijnen zijn, buiten die van nieuws en lifestyle, die hier ontbreken. Dat is een groot gemis, ook al maakt Meeuwsen in de inleiding van <em>Bloghelden</em> duidelijk dat hij niet van plan is om échte geschiedenis te schrijven. Met die kennis in het achterhoofd is <em>Bloghelden</em> een aangenaam boek. Een boek over de belevenissen van Meeuwsen en de kring rond de de organisatie van Dutch Bloggies. En ach, dat heeft ook zijn charme.</p>
<p><strong><em>Bloghelden</em> van Frank Meeuwsen is verschenen bij Bruna Uitgevers.</strong></p>
<p><strong>Het boek is eveneens in pdf-formaat gratis te downloaden op de website van Meeuwsen:</strong><a href="http://www.bloghelden.nl" target="_blank"> www.bloghelden.nl</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/07/01/bloghelden-het-probleem-dat-geschiedenis-heet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>interactieve media: iets met computers</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/06/28/interactieve-media-iets-met-computers/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=interactieve-media-iets-met-computers</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/06/28/interactieve-media-iets-met-computers/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 28 Jun 2010 09:25:47 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[HvA]]></category>
		<category><![CDATA[iam]]></category>
		<category><![CDATA[interactieve media]]></category>
		<category><![CDATA[Interactive Awards]]></category>
		<category><![CDATA[Marshall McLuhan]]></category>
		<category><![CDATA[massamedia]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=812</guid>
		<description><![CDATA[‘Eh, ja, dat is wanneer je iets hebt met de computer, het medium, bedoel ik. Dat je er een relatie mee hebt, zeg maar. Dat je iets met elkaar doet in plaats van één richting op.’ Vier jaar geef ik les aan het Instituut voor Interactieve Media &#8211; of eigenlijk bij Interactieve Media van de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>‘Eh, ja, dat is wanneer je iets hebt met de computer, het medium, bedoel ik. Dat je er een relatie mee hebt, zeg maar. Dat je iets met elkaar doet in plaats van één richting op.’ Vier jaar geef ik les aan het Instituut voor Interactieve Media &#8211; of eigenlijk bij <a href="http://www.iam.hva.nl" target="_blank">Interactieve Media van de Hogeschool van Amsterdam</a>, maar ik blijf de opleiding steevast bij de oude naam noemen &#8211; en elk jaar stellen collega’s en ik studenten (eerstejaars en afstudeerders) dezelfde vraag: wat zijn interactieve media? Niet alle antwoorden zijn even hilarisch als bovenstaande. Maar toch. Ook bij nieuwe mediaexperts, zelfverklaard of niet, zorgt het begrip voor verwarring.</p>
<p><img class="aligncenter" title="Kernprogramma IAM" src="http://www.theoploeg.net/images/iamkernprogramma.gif" alt="" width="530" height="376" /></p>
<p>Neem nou de Interactive Awards die elk jaar, tijdens Eurosonic Noorderslag in Groningen, worden uitgereikt aan de internetonderneming én muzikant of band met het meest vernieuwende en onderscheidende muziekconcept. In januari ging SellaBand er met de Company Award aan de haal. Vreemd, omdat het concept over z’n hoogtepunt heen is. Krause won de Artist Award. Was iets voor te zeggen. Sussanne Clermonts cultiveerde haar contact met fans, maar deed dat niet helemaal van harte. Zo gebruikte ze Twitter vooral als zendmedium. Das niet bepaald interactief.</p>
<p>Goed, de Interactive Awards worden georganiseerd door Buma Stemra, theFactor.e en Eurosonic Noorderslag. Dat legt een flinke beperking op de concepten die in aanmerking komen voor de prijs. Organisaties, artiesten en bands die werken met Creative Commons licenties hebben een achterstand. Wie op <a href="http://www.interactive-awards.nl" target="_blank">www.interactive-awards.nl</a> grasduint in de inzendingen, komt interessantere en betere concepten tegen dan die van de uiteindelijke winnaars. Interactievere ook. Het lijkt erop dat voor de professionele jury &#8211; waar ik, als popjournalist én docent interactieve media natuurlijk gewoon in had moeten zitten &#8211; het idee van massacommunicatie via nieuwe media nog steeds de maat der dingen is.</p>
<p>Ziedaar hét probleem bij interactieve media. Niet alleen is er nog geen sluitende definitie voor het begrip, het is vooral nog zo nieuw dat oude mediadefinities worden gehanteerd om het te kunnen omschrijven. En dat werkt, uiteraard, niet. Bij het Instituut voor Interactieve Media zorgt dat voor verwarring. Tijdens de presentaties van interactieve demo’s van propedeuse-studenten bleek het begrip door iedereen, student én docent, anders te worden ingevuld. Draait interactieve media om een relationeel verband waarbij medium én mediaconsument gelijkwaardig zijn? Vloeien medium en consument er, kortom, in elkaar over? Is interactieve media niet gewoon een andere naam voor nieuwe media? Of voor instabiele media, desnoods?</p>
<p>Vreemd is die Babylonische spraakverwarring niet. De eerder verklaarde experts doen er alles aan ons te laten denken in oude definities. Zo is Twitter een medium met meer dan 100 miljoen geregistreerde gebruikers en komen er elke dag 300 duizend nieuwe bij. Leuk om te weten, maar volstrekt oninteressant. Twitter is immers een netwerkmedium. Waarom het dan toch beschrijven in termen van een massamedium? Tja, daar schreef Marshall McLuhan al uitgebreid over zijn baanbrekende werk <em>The Medium Is The Massage</em> (IAM-studenten, nee iedereen: lees dat boek!).</p>
<p><img class="aligncenter" title="Marshall McLuhan - The Medium Is The Massage" src="http://www.theoploeg.net/images/mediumismessage.jpg" alt="" width="272" height="435" /></p>
<p>Wat interactieve media dan wél zijn? Tja, dat hangt dus nog van je definitie af. Die van mij wil ik best geven. De essentie van interactieve media is dat zender en ontvanger tijdens het proces van communicatie elkaars gelijken zijn én dat ze continu van rol wisselen. Prachtig allemaal, zo’n definitie. De implicaties &#8211; ja, ik blijf socioloog &#8211; zijn echter veel interessanter. De mogelijkheden van interactieve media zijn namelijk enorm. Ze zijn, in theorie, in staat om hiërarchieën te ontmantelen. Om macht zonder inhoud als coördinatiemechanisme te laten verdwijnen. Om het globale weer lokaal te maken. Dat betekent nogal wat. Sinds het einde van negentiende eeuw zijn relaties in de westerse wereld langzaam steeds meer geobjectiveerd. Het meisje van elf dat in een sweatshop in Vietnam de polo die ik draag heeft genaaid? Ken ik niet. Het kalf dat geboren werd  (en misschien meteen weer vermoord) om de kaas die ik gisteravond in mijn salade at te kunnen produceren? Ken ik niet. De telefoniste van Essent die ik tot vijf keer toe heb gebeld om niet afgesloten te worden van gas en licht? Ken ik niet. Kortom, in essentie kunnen interactieve media het objectieve weer subjectief maken. Relaties weer betekenisvol voor beide partijen. In theorie, althans. In praktijk draaien interactieve media vooralsnog om computers, aantallen en macht. Wordt vervolgd.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/06/28/interactieve-media-iets-met-computers/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Born Free: popcultuur als tegenpolitiek</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/05/01/born-free-popcultuur-als-tegenpolitiek/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=born-free-popcultuur-als-tegenpolitiek</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/05/01/born-free-popcultuur-als-tegenpolitiek/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 01 May 2010 19:13:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[kunst]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[pop]]></category>
		<category><![CDATA[born free]]></category>
		<category><![CDATA[M.I.A.]]></category>
		<category><![CDATA[Romain Vagras]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=724</guid>
		<description><![CDATA[Commotie. De nieuwe clip van Romain Gavras doet het nodige stof opwaaien. Net als zijn vorige. Terecht? Jazeker. Alleen het zwaartepunt van de meeste kritiek ligt verkeerd. Het is niet de vraag of het expliciet tonen van geweld toelaatbaar is. Of Gavras te ver gaat in zijn boodschap. Nee, de essentie is wat we er, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Commotie. De nieuwe clip van Romain Gavras doet het nodige stof opwaaien. Net als zijn vorige. Terecht? Jazeker. Alleen het zwaartepunt van de meeste kritiek ligt verkeerd. Het is niet de vraag of het expliciet tonen van geweld toelaatbaar is. Of Gavras te ver gaat in zijn boodschap. Nee, de essentie is wat we er, als mediaconsument, mee doen.</p>
<p style="text-align: center;"><a rel="attachment wp-att-5278" href="http://www.theoploeg.net/?attachment_id=5278"><img class="size-full wp-image-5278 aligncenter" src="http://www.gonzocircus.com/wp-content/uploads/2010/05/mia-born-free-1.jpg" alt="" width="650" height="250" /></a></p>
<p>Lees verder bij: <a href="http://www.gonzocircus.com/5263/born-free-popcultuur-als-tegenpolitiek" target="_blank">Frankfurt, rondblik in het landschap @ Gonzo (circus)</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/05/01/born-free-popcultuur-als-tegenpolitiek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Matt Mason: &#8216;Ik heb niets tegen een vrije markteconomie&#8217;</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/03/30/matt-mason-ik-heb-niets-tegen-een-vrije-markteconomie/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=matt-mason-ik-heb-niets-tegen-een-vrije-markteconomie</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/03/30/matt-mason-ik-heb-niets-tegen-een-vrije-markteconomie/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 30 Mar 2010 06:21:23 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[creatieve industrie]]></category>
		<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[Matt mason]]></category>
		<category><![CDATA[piraterij]]></category>
		<category><![CDATA[verzet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=692</guid>
		<description><![CDATA[Piraterij houdt het kapitalistische systeem in evenwicht en vervult daarmee een essentiële rol in de samenleving. Dat is de strekking van Piraterij, het onlangs in het Nederlands vertaalde boek van Matt Mason. Een oplossing voor de écht grote problemen in de wereld? Nee, dat is piraterij niet. ‘Daar gaat mijn boek ook niet over. Mijn [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Piraterij houdt het kapitalistische systeem in evenwicht en vervult daarmee een essentiële rol in de samenleving. Dat is de strekking van Piraterij, het onlangs in het Nederlands vertaalde boek van Matt Mason. Een oplossing voor de écht grote problemen in de wereld? Nee, dat is piraterij niet. ‘Daar gaat mijn boek ook niet over. Mijn focus is veel kleiner.’</p>
<p><span id="more-692"></span><br />
Een boek schrijven over Piraterij? Nee, dat was geen vooropgezet plan. Maar ja, wat moest Matt Mason anders? Kersvers verhuisd naar New York en in afwachting van zijn Green Card zat er weinig anders op. ‘In de VS mag je echt niks wanneer je geen werkvergunning hebt. Vreemde situatie, maar ik ben er achteraf blij mee’, glundert hij. Mason is een gemakkelijk verteller. Welbespraakt ook. Nog opvallender: hij vermijdt elk mogelijk conflict. Smoort ze al vroeg in de kiem. Zonder daarbij overigens de inhoud van zijn boek te verloochenen. ‘Andrew Keen zal het zeker niet eens zijn met mijn boek. Dat is ook helemaal niet erg. Hij is een buitengewoon intelligent man en kan goed schrijven. Ik heb zijn boek verslonden. Maar nee, ik ben het niet met hem eens. Dat is ook helemaal niet erg. Het is juist goed dat tegenovergestelde meningen naast elkaar kunnen bestaan. Dat zorgt voor meer discussie en meer waarheidsvinding.’ Dat doet ie knap, die Mason.</p>
<p>Dat betekent overigens niet dat de in New York woonachtige Brit geen mening heeft. Integendeel, die vliegt constant over tafel. Maar het blijft wel zijn mening, niet de mening. Dat zijn boek over Piraterij geen oplossingen aandraagt voor de écht grote problemen in de wereld, een verwijt dat ik hem maak in mijn recensie van de onlangs verschenen Nederlandse vertaling? ‘Helemaal mee eens’, zegt Mason beslist. ‘Daar gaat mijn boek ook niet over. Mijn focus is veel kleiner. Ik neem het kapitalistische systeem en leg dat onder de microscoop. Dan zie dat piraterij een essentieel onderdeel is van het systeem. Het houdt het systeem als het ware in evenwicht. Steeds wanneer er onderdelen van het systeem topzwaar worden, nadelig worden voor de samenleving, dan komen er piraten die de regels verbuigen, veranderen of aan hun laars lappen. Uiteindelijk moet het systeem die piraten wel binnenboord halen. Het systeem is daarmee weer in evenwicht.’ Kijk maar naar de muziekindustrie, legt Mason uit. De grote platenmaatschappijen hebben jarenlang lak gehad aan de muziekconsumenten en de artiesten. Nu de consument niet meer bereid is veel geld neer te leggen voor een cd en de muziek dus elders illegaal haalt en nu muzikanten uitwijken naar andere creatieve commons-licenties of andere distributiemodellen, weten de maatschappijen niet hoe snel ze moeten veranderen.</p>
<p>‘Dat maakt het kapitalistische systeem een prima bruikbaar systeem. Tenminste in mijn visie. Ik heb niets tegen een vrije markteconomie. Juist niet, ik geloof er heilig in’, bekent Mason kleur. ‘Ik ga de nadelige aspecten echter ook niet uit de weg. De hunkering van macht en geld liggen altijd op de loer. Piraterij houdt dat soort zaken in bedwang.’ Dat weet Mason uit ervaring. Begin deze eeuw draaide hij plaatjes bij een radiostation in Londen. Eentje zonder officiële zendfrequentie. Hij maakte er mee hoe grime de Londense underground veroverde op UK garage. Als oprichter van RWD deed hij zelf een flinke duit in het zakje. ‘Het ontzettend spannend wat er gebeurde. Grime sloeg aan bij de arme, donkere gemeenschap in de buitenwijken van Londen. Ik voelde de vibe, de spanning. Grime was een authentieke reactie van de straat op de ontwikkelingen in de hippe clubs. Daar moest ik een tijdschrift over maken.’ Al snel werd grime opgepikt door de muziekindustrie. Ook dat maakte Mason vanaf de eerste rij mee. Plots veroverde grime de clubs in de binnenstad, waar witte middenklassejongeren de muziek adopteerden. De muziekindustrie sprong erop en maakte van Dizzee Rascal de eerste hitparadester. Repressieve ontsublimatie, vrij naar Herbert Marcuse, uit het boekje. RWD groeide als kool, werd eveneens omarmd door de industrie en reclamebureaus en verkocht zijn ziel. Weg authenticiteit.</p>
<p>‘Tja, dat is hoe piraterij succesvol opgenomen wordt in het systeem’, lacht Mason. Hij zag het als signaal om het blad, eigenlijk zijn blad, de rug toe te keren en naar New York te verkassen. ‘Niet daarom hoor’, verduidelijkt hij, ‘de oorzaak is een vrouw. Met haar woon ik nu samen. We hebben ook een hond.’ Dan serieus: ‘Leuk was het natuurlijk niet om te zien hoe RWD precies werd wat ik altijd verafschuwde, maar het is wel een logisch proces. Daarin schuilt ook de kracht van piraterij. Het begint als tegenreactie. Wanneer het eenmaal liefdevol in de armen van het systeem is gesloten, is de angel eruit. Maar er is wel iets veranderd. Het mooie is dat er dan weer nieuwe piraten opstaan om voor tegenreacties te zorgen. Dat is zoals het werkt.’ Zoals het altijd heeft gewerkt, ook. Echt nieuw is de analyse van Mason dus niet. ‘Klopt’, geeft hij direct toe. ‘Maar het wordt er alleen maar makkelijker op om je niet te bekommeren om de te regels. Door nieuwe media kan iedereen creatief zijn en iets nieuws maken. Vroeger was dat in handen van een kleine groep die de middelen stevig in handen had. Nu heeft iedereen de beschikking over eigen productiemiddelen. Een hele goede zaak, benadrukt Mason.</p>
<p>Natuurlijk, het levert ook een stroom waardeloze cultuur op. ‘Maar is dat zo erg?’, stelt Mason als wedervraag. Wat hij in zijn boek als piraterij omschrijft is iets anders. Daar gaat het om mensen die weten wat ze doen en waarom ze dat doen. Noem het ideologen die in veel gevallen niet doorhebben dat ze ideologisch bezig zijn. ‘Kijk, de generatie van de vorige eeuw ging de straat op om te demonstreren tegen onrecht, de nieuwe generatie gaat zelf aan de slag met muziek, foto’s, kunst of journalistiek.’ Is dat niet een al te naïef beeld van de werkelijkheid? Mason lacht: ‘vast en zeker! Zoals ik al zei: er zijn hele grote problemen in deze wereld, die lossen we niet zomaar op met piraterij. Daar zijn andere krachten voor nodig. Maar dat pessimisme van bijvoorbeeld Andrew Keen deel ik niet. Wat hij in zijn boek beschrijft heeft zonder meer een kern van waarheid. Maar dat komt niet door de media. Journalistiek is bijvoorbeeld altijd al subjectief geweest, ook in de jaren zestig en zeventig. Wat hij beschrijft is een proces dat al jaren aan de gang is en dat een maatschappelijke oorzaak heeft. Het wordt niet veroorzaakt door nieuwe media, misschien alleen maar versneld.’</p>
<p>Sowieso is het denken in goed en fout ouderwets, meent Mason. ‘Grote bedrijven zijn niet per definitie fout. Zo eenvoudig zit de wereld niet in elkaar. Je merkt ook dat veel grote bedrijven wel degelijk willen leren en bezig zijn om hun producten wereldvriendelijker te maken.’ Bijna wekelijks komt Mason over de vloer bij bedrijven als Procter &amp; Gamble en Nike. ‘Het management daar wil alles weten over piraterij en manieren om te overleven in de huidige wereld. Het zijn bedrijven die ik in mijn boek kritisch belicht. Nee, daar heb ik helemaal geen problemen mee. Ik zie daar ook geen tegenstelling in. Zolang ik als auteur kan blijven schrijven wat ik wil schrijven, is er geen sprake van verstrengeling van belangen.’ En stel dat het wel zo was: geen probleem toch wanneer Mason er zelf geen geheim van zou maken. ‘Je moet daar natuurlijk wel mee oppassen. Het publiek is tegenwoordig echt niet meer dom. Een alliantie sluiten met de verkeerde partij en je ligt er helemaal uit.’ Mason fronst zijn voorhoofd: ‘Ach, ik kan het me wel heel goed voorstellen. Ik ben mijn hele leven al fan van Nike. Stel ze benaderen me en bieden me gratis schoenen aan.’ Stilte. Dan schaterlachend: ‘Denk je dan echt dat ik dat zou kunnen weigeren?’</p>
<p><em>Piraterij, Hoe Hackers, Punkkapitalisten En Graffitimiljonairs Onze Cultuur Remixen En De Wereld Veranderen van Matt Mason is verschenen bij uitgeverij Lebowski.</em></p>
<p><a href="http://www.lebowskipublishers.nl/result_nieuws.asp?N_Id=285&amp;A_Id=148">Het boek is hier gratis – als pdf – te downloaden</a>.</p>
<p><strong>Links:</strong><br />
<a href="http://www.thepiratesdilemma.com/">www.thepiratesdilemma.com</a><br />
<a href="http://www.lebowskipublishers.nl/">www.lebowskipublishers.nl</a></p>
<p><em>dit artikel verscheen op zondag 23 augustus 2009 op cut-up.com. Sinds december 2009 is webzine cut-up niet meer. Toch staat de content nog steeds online. Daar komt eind deze maand waarschijnlijk verandering in. De digitale voetsporen van cut-up worden dan voor altijd uitgewist. De mij dierbare stukken van eigen hand verschijnen de komende weken op dit blog.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/03/30/matt-mason-ik-heb-niets-tegen-een-vrije-markteconomie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Gevaarlijk internet</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/03/27/gevaarlijk-internet/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=gevaarlijk-internet</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/03/27/gevaarlijk-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 27 Mar 2010 11:46:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[AIVD]]></category>
		<category><![CDATA[extreemrechts]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>
		<category><![CDATA[Kafka]]></category>
		<category><![CDATA[lonsdalejongeren]]></category>
		<category><![CDATA[Meer Vrijheid]]></category>
		<category><![CDATA[NOVA]]></category>
		<category><![CDATA[Stormfront]]></category>
		<category><![CDATA[trouw]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=681</guid>
		<description><![CDATA[Internet is een broedplaats voor extreemrechts. Jongeren ontmoeten elkaar op fora om te discussiëren over thema’s die op andere plekken taboe zijn. Beangstigend, noemt de antifascistische onderzoeksgroep Kafka de trend. De AIVD is inmiddels een onderzoek gestart. ‘De Haat van Holland-Hardcore’ kopt het artikel in deVerdieping, het supplement bij Trouw van maandag 25 april jongstleden. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Internet is een broedplaats voor extreemrechts. Jongeren ontmoeten elkaar op fora om te discussiëren over thema’s die op andere plekken taboe zijn. Beangstigend, noemt de antifascistische onderzoeksgroep Kafka de trend. De AIVD is inmiddels een onderzoek gestart.</p>
<p><span id="more-681"></span></p>
<p>‘De Haat van Holland-Hardcore’ kopt het artikel in <em>deVerdieping</em>, het supplement bij <em>Trouw</em> van maandag 25 april jongstleden. De boodschap van het artikel is duidelijk: internet en extreemrechts bundelen de krachten om zoekende jongeren te verleiden met gevaarlijk gedachtegoed. Een niet te onderschatten bedreiging. De stuitende voorbeelden in het artikel zijn dan ook niet van de lucht. Zo maken bezoekers van het Holland-Hardcore forum zich vrolijk over asielzoekers die verdrinken omdat ze niet kunnen zwemmen, vertelt een jongen dat hij buitenlanders die in Nederland wonen alleen haat wanneer ze zich niet aanpassen aan onze waarden en normen en verzucht een andere jongen van zeventien dat hij vindt dat mensen zoals hij gezien worden als ‘de slechte’ terwijl een buitenlander die iets flikt gemakkelijk weg komt.</p>
<p>Wie zich vaker op interfora begeeft, weet dat ongenuanceerde en prikkelende uitspraken schering en inslag zijn op de meeste jongerensites. Op internet heerst de taal van de voetbalsupporters. Hoe grover en schokkender, hoe beter. Ook op niet extreemrechtse fora. Toch is er wel degelijk iets aan de hand. De laatste vier jaar is een deel van de autochtone jongeren op het platteland geradicaliseerd. Daar zijn diverse redenen voor aan te wijzen. De politiek van angst die de afgelopen jaren in ons land wordt gevoerd is daar in ieder geval een van. De stigmatisering van bepaalde groepen jongeren op uiterlijke kenmerken een ander. Zo zijn er meer. Een week voor het verschijnen van het betreffende artikel in <em>Trouw </em>zond <em>Nova</em> een reportage uit over de zogenaamde Lonsdalejongeren in Noord-Limburg. Een schokkend verslag. Niet omdat de jongeren zo gevaarlijk overkwamen, maar juist omdat zij zo onzeker waren. Jongeren van begin twintig zonder werk, zonder opleiding, zonder werk, zonder kansen, afkomstig uit instabiele gezinnen. Gezinnen die vast ook aan de onderkant van de samenleving bungelden. Natuurlijk voelen deze jongeren zich aangetrokken tot een cultuur waarin eer, afkomst en broederschap – om er een aantal te noemen – centraal staan. “Mijn opa was bij de Wapen-SS’, zingt een jongen luidkeels mee terwijl hij zijn armen op het ritme van de hardcore beweegt. Het maakt hem vooral triest, niet gevaarlijk voor de toekomst van dit land.</p>
<p>Onderschat ik daarmee de problemen schromelijk? Nee, problemen zijn er zeker. Maar die zijn veel eerder geworteld in de politieke en sociaal-economische basis dan bij deze jongeren. Geef ze de Koran of het boek van Mao en ze slikken het ook voor zoete koek. Onderzoeksgroep Kafka doet al heel wat jaren onderzoek naar fascistische tendensen binnen de vaderlandse jongerencultuur. Daarin slaat zij regelmatig door. Gemakzuchtig brengt Kafka muzikale subculturen in verband met extreemrechts gedachtegoed. Gabber, hardcore, pagan metal en death metal passeerden reeds de revue. Begin dit jaar onderzocht ik voor het <em>Haarlems Dagblad</em> de volgens Kafka sterk fascistische trekken van de hedendaagse black metal scene in ons land. Die bleken enorm mee te vallen. De flirt van het genre met voorchristelijke Europese mythologieën bleek los te staan van een adoratie van het nazisme. Daarbij bleken muzikanten en fans vooral zoekende en onzekere jongens. Frankco Lamerikx, kenner en journalist voor het internetmagazine <em>Musique Machine</em>, verwoorde het als volgt: “Is het echt een probleem? Het verschijnsel is zo marginaal dat niemand er op dit moment wakker van ligt, zeker niet onze samenleving waarin de religieuze problematiek zich toespitst op het Islamitische vraagstuk. Maar zodra aanhangers een natuurreligies gaan rondlopen met swastika’s zullen de poppen waarschijnlijk aan het dansen zijn.”</p>
<p>Hij vervolgt: “In een puur materialistisch georiënteerde cultuur, gebaseerd op de mythe van een progressieve evolutie, is alleen beperkt ruimte voor geschiedenis. Vandaar dat onze cultuur niet langer leeft maar is opgesloten in musea en themaparken. Pagan metal grijpt terug naar de tijd waarin de voorouderverering centraal stond, waarin de mens zijn plaats in de natuur en in het universum veel duidelijker besefte dan vandaag de dag.” Diepgang en poging tot duiding die in het artikel in <em>Trouw </em>en op de website van Kafka met node wordt gemist.</p>
<p>Maar terug naar internet. Vrijheid van meningsuiting en internet zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarbij, hoe extreem sommige uitingen op de zogenaamd extreemrechte fora ook zijn, ze zijn gemaakt binnen een bepaalde context, binnen een bepaalde discussie, door kansarme jongeren op zoek naar zekerheid. Als er eens onderzoek moet worden gedaan of en kritisch artikel geschreven dient te worden over gevaarlijk tendensen op het internet dan zijn er veel betere plekken.</p>
<p>Een tweetal voorbeelden. De website Meervrijheid bijvoorbeeld, een stichting die zich inzet voor een samenleving op basis van vrijwilligheid en eigen verantwoordelijkheid. In een artikel over sekstoerisme betoogt Bart Croughs er dat kinderprostitutie in de derdewereld een goede zaak is. Het komt immers de welvaart van dergelijke landen ten goede en levert de westerling op zoek naar genot een goed gevoel op. Twee partijen gelukkig. Wie denkt dat Croughs een zieke grap of omgekeerd kritisch stuk schrijft, heeft het goed mis. De reacties van mede-libertariërs – want dat zijn de mensen achter Meervrijheid &#8211; liegen er niet om. Volgens de beginselen van de literarische samenleving heeft Croughs groot gelijk. Dan te bedenken dat dit volwassen mensen zijn, met een bovengemiddeld economisch kapitaal. Kafka, de AIVD en <em>Trouw</em> liggen er blijkbaar niet wakker van.</p>
<p>Niet extreemrechts en daarom blijkbaar niet verdacht is het forum van Pim-Fortuyn.nl. “De Marokkanen gedragen zich net als de SA van Hitler in de jaren 30. Wat dat betreft lijken zijn meer van de geschiedenis geleerd te hebben dan de meeste Nederlanders”, schrijft Rene68 naar aanleiding van de mishandeling van de homoseksuele journalist in Amsterdam. Een dergelijke opmerking op het forum van Stormfront brengt Kafka in de hoogste paraatheid. De anti-islamitische opmerkingen zijn er niet van de lucht. Extreem schrijft: “Een Islamiet zal altijd een zesderangs burger blijven. Je kan namelijk geen oer-Nederlander worden, dat ben je of dat ben je niet. Islamieten dienen zo snel mogelijk uitgezet te worden buiten Nederland.”</p>
<p>De blinde focus van onderzoeksgroepen en media op jongeren met extremistisch gedachtegoed is exemplarisch. In plaats van op zoek te gaan naar de achtergronden van bepaalde uitlatingen en gedragingen wordt de zwakste schakel in de keten aangepakt. De schakel waar – kort door de bocht – alle ellende samenkomt. Gemakkelijk en op het eerste gezicht effectief, maar in essentie symptoombestrijding in plaats van het traceren van de echte problemen. Of ontbreekt het <em>Trouw</em> – en andere Nederlandse media – aan moed en durf?</p>
<p><strong>links:</strong><br />
<a href="http://www.meervrijheid.nl/">http://www.meervrijheid.nl/</a><br />
<a href="http://www.stormfront.org/forum/forumdisplay.php?f=">http://www.stormfront.org/forum/forumdisplay.php?f=&#8221;22&#8243;</a><br />
<a href="http://kafka.antifa.net/">http://kafka.antifa.net/</a><br />
<a href="http://www.pim-fortuyn.nl/pfforum">http://www.pim-fortuyn.nl/pfforum</a></p>
<p><em>dit artikel verscheen op vrijdag 17 mei 2005 op cut-up.com. Sinds december 2009 is webzine cut-up niet meer. Toch staat de content nog steeds online. Daar komt eind deze maand waarschijnlijk verandering in. De digitale voetsporen van cut-up worden dan voor altijd uitgewist. De mij dierbare stukken van eigen hand verschijnen de komende weken op dit blog</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/03/27/gevaarlijk-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Weg met de muziekindustrie?</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/03/19/cut-up-nostalgie-weg-met-de-muziekindustrie/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=cut-up-nostalgie-weg-met-de-muziekindustrie</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/03/19/cut-up-nostalgie-weg-met-de-muziekindustrie/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 19 Mar 2010 09:26:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[creatieve industrie]]></category>
		<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[pop]]></category>
		<category><![CDATA[axel winter]]></category>
		<category><![CDATA[Beluga]]></category>
		<category><![CDATA[bright]]></category>
		<category><![CDATA[Chris Anderson]]></category>
		<category><![CDATA[diy]]></category>
		<category><![CDATA[einstürzende neubauten]]></category>
		<category><![CDATA[erwin van der zande]]></category>
		<category><![CDATA[gerd leonard]]></category>
		<category><![CDATA[glamcult]]></category>
		<category><![CDATA[jeff howe]]></category>
		<category><![CDATA[maarten brinkerink]]></category>
		<category><![CDATA[marco raaphorst]]></category>
		<category><![CDATA[muziekindustrie]]></category>
		<category><![CDATA[nine inch nails]]></category>
		<category><![CDATA[Radiohead]]></category>
		<category><![CDATA[simon sixsmith]]></category>
		<category><![CDATA[Wired]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=653</guid>
		<description><![CDATA[De muziekindustrie? Overbodig geworden, meent de media. Via internet en met nieuwe technologie kan de moderne muzikant alles zelf. Een droom die voor het grijpen ligt? Nou nee, de werkelijkheid is zoals altijd weerbarstiger dan het lijkt. Het helemaal zelfstandig maken, uitbrengen, distribueren én aanprijzen van muziek is slechts voor een enkeling weggelegd. ‘Misschien stoppen [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De muziekindustrie? Overbodig geworden, meent de media. Via internet en met nieuwe technologie kan de moderne muzikant alles zelf. Een droom die voor het grijpen ligt? Nou nee, de werkelijkheid is zoals altijd weerbarstiger dan het lijkt. Het helemaal zelfstandig maken, uitbrengen, distribueren én aanprijzen van muziek is slechts voor een enkeling weggelegd.</p>
<p><span id="more-653"></span></p>
<p>‘Misschien stoppen we er volgend jaar mee’, verzucht Axel Winter. Samen met een groepje bevriende muzikanten nam hij een paar jaar terug het heft in eigen handen. Zelf muziek uitbrengen zonder de hulp van die vervelende muziekindustrie, dat was de droom. Het pakte anders uit. ‘Van elke release verkopen we een paar honderd stuks, maar veel verder komen we niet. Door het gigantische aanbod van nieuwe muziek zien de popbladen ons niet staan. Muziekliefhebbers naar de website lokken? Interessant idee, maar hoe krijg je dat in godsnaam voor elkaar? We werken nu al de klok rond.’ Tja, wie zich bevrijdt van de verstikkende banden met de muziekindustrie staat er alleen voor. En dat betekent alles zelf doen. Gemakkelijk is dat niet. Daarbij is PR en marketing iets heel anders dan muziek maken en dat op vinyl persen, weet Winter nu. Logisch, met een beetje html-kennis bouw je ook geen mooie, functionele website. Toch is de mythe van het amateurschap sinds kort ook doorgedrongen in de wereld van de popmuziek. Lifestylemagazine Bright noemde het een dik jaar geleden Muziek 2.0, het muzikale broertje van Web 2.0. Anno 2008 heeft de muziekliefhebber een oneindig aanbod van gratis muziek ter beschikking, iedereen met een computer kan zelf muziek maken en de muziekindustrie loopt op de achterste benen. Een zegen voor zowel de muzikant als de liefhebber, zo kopt de traditionele en nieuwe media. Maar is dat wel zo?</p>
<p>Het klinkt allemaal aanlokkelijk. De muzikant is weer meester over zijn eigen werk. Geen vervelende platenbonzen die allerlei commerciële eisen stellen aan je muziek, geen afdracht van meer dan vijfenzeventig procent van de opbrengst aan de platenmaatschappij, geen organisatie die ervoor zorgt dat je nieuwe videoclip van YouTube verwijderd wordt wegens schending van auteursrecht. Precies de situatie vóór het midden van de vorige eeuw. In de geschiedenis van de muziek heeft de artiest slechts een  jaar of vijftig geen volledige vrijheid gehad over zijn of haar eigen werk. Pas sinds de opkomst van de massacommunicatie en, in haar kielzog, popcultuur, heeft de muzikant zich gebonden aan de wetten van de vrije markt. De wetten van de alsmaar uitdijende muziekindustrie. Die groei is met de komst van internet een halt toe geroepen. Relatief dan. Nog steeds zorgen de vier grootste platenmaatschappijen &#8211; Sony BMG, Warner, EMI en Universal &#8211; voor meer dan tachtig procent van de omzet. Ondanks de huidige malaise in de sector. Onlangs ontsloeg EMI wereldwijd duizenden medewerkers door teruggelopen inkomsten uit muziekverkopen. Andere maatschappijen en auteursrechtenorganisatie Buma/Stemra en Stichting Brein klagen steen en been over het inkomstenverlies door illegale downloads. Krokodillentranen? Voor een groot deel wel. Van oudsher investeert de muziekindustrie in een handjevol grote sterren die genoeg geld binnen brengen om de minder commercieel succesvolle artiesten te financieren. Doel? Het ontdekken van dat ene grote talent dat zich bij die kleine groep sterren gaar scharen. Juist daar wringt tegenwoordig de schoen. Die grote artiesten verkopen steeds minder, brengen dus minder geld binnen. Dáág strategie die sinds de jaren zestig succesvol en dominant is geweest. De muziekindustrie heeft zich, kortom, niet aangepast aan de nieuwe regels van het veranderende muzikale landschap. Welke regels dat zijn? Wired-redacteur Chris Anderson schreef er een boek over dat inmiddels gemeengoed is op de beste en hipste marketingopleidingen: The Long Tail, How Endless Choice Is Creating Unlimited Demand.</p>
<p>De titel zegt het al: volgens Anderson, die zijn bevindingen overigens eerst publiceerde in Wired, zorgt het hedendaagse, oneindige aanbod van popmuziek ervoor dat dé markt voor pop is veranderd in een ontelbaar aantal nichemarkten. Voor elk wat wils dus. Oké, er valt genoeg af te dingen op de conclusies van Anderson. Ogenschijnlijk heeft hij het gelijk echter aan z’n kant. Popmuziek floreert in de niches, écht grote artiesten als Prince, Michael Jackson en Madonna zijn er niet meer. Laatstgenoemde slaat met haar onlangs verschenen Hard Candy nog geen deuk in een pakje boter. Het geplande optreden van ‘The Queen Of Pop’ in de Amsterdam ArenA in september wil maar niet uitverkopen. Had Madonna vroeger maar een paar minuten voor nodig. Het einde van de dinosauriërs van de pop is ten einde. Al levert ook dat weer een nichemarkt op. Oude rotten als Bruce Springsteen, Bon Jovi en Rolling Stones mogen dan wel geen miljoenen albums meer verkopen, hun sporadische optredens lopen goed. Nichemarkt voor nostalgische oudere muziekliefhebbers dus. Bij Anderson is er al gauw sprake van een niche. Ook populaire acts als Radiohead en Coldplay representeren er een. Populair, dat zijn ze. Maar lang niet zo populair als de megasterren van de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw. Wat platenmaatschappijen volgens Anderson moeten doen? Zich richten op een groot aantal nichemarkten. Opgeteld levert dat een dik gelegde boterham op. Succesvolle webwinkels als Amazon zijn er groot mee geworden. In zelfs het kleinste segment van de boekenmarkt &#8211; boeken over doodskopvlinder in de Afrikaanse binnenlanden, bijvoorbeeld &#8211; heeft de winkel een groter aanbod aan de gespecialiseerde boekwinkel om de hoek. Popmuziek is echter iets anders dan boeken. De grote platenmaatschappijen hebben er dankzij de fragmentatie van de markt geduchte concurrenten bij: maatschappijen die zich richten op één of enkele niches.</p>
<p>Die zijn er altijd al geweest, maar nog nooit waren ze zo succesvol als tegenwoordig. Jeff How schreef er in 2005 het artikel Hitfactory over in, wederom, Wired. Daarin beschrijft hij een nieuwe generatie bandjes die door slechts een album of vijftigduizend te verkopen en t-shirts, badgets en andere prularia te verkopen tijdens concerten genoeg verdient om te overleven en van het muzikant-zijn ‘gewoon werk’ te maken. Die droom ligt anno 2008 voor het grijpen voor iedereen die muziek maakt, betoogt Maarten Brinkerink in Cyberindie, Digitale Cultuur En De Veranderende Muziekindustrie &#8211; zijn afstudeerscriptie voor de opleiding Nieuwe Media en Digitale Cultuur aan de Universiteit van Utrecht. Volgens Brinkerink beschikken muzikanten tegenwoordig over alle mogelijkheden die vroeger waren weggelegd voor professionals. Digitale technologie zorgt er voor dat het maken van muziek stukken eenvoudiger is geworden, distributie van muziek en het maken van reclame vindt plaats via internet, het auteursrecht worden ondergebracht bij een nieuwe licentiesysteem, Creative Commons, waarbij muziek onder bepaalde voorwaarden legaal kan worden verspreid. Brinkerink rept daarom van de derde indierevolutie in de muziekindustrie. Na de punk eind jaren zeventig en de opkomst van indiepop begin jaren negentig is de ‘Do It Yourself’-mentaliteit weer helemaal terug. ‘Dankzij het internet kunnen muzikanten voor het eerst in de geschiedenis zelfstandig en op een toegankelijke manier een massapubliek bereiken. De distributie- en promotiekanalen van de gevestigde muziekindustrie zijn hierdoor niet langer onmisbaar, wat noodzakelijke samenwerkingsverbanden en gedwongen artistieke concessies onnodig maakt. De bal ligt nu bij de muzikanten. Het benutten van de mogelijkheden van de digitale muziekcultuur vraagt om een actieve houding, lef om te innoveren en inzicht in de behoeften van de hedendaagse muziekliefhebber. Maar als er een tijd is waarin het voor muzikanten loont om het zelf-te-doen, dan is het nu’, betoogt hij.</p>
<p>Ongewild legt hij daarmee die vinger op de zere plek. Wie immers alles zelf wil doen, moet professional worden op het gebied van het maken, produceren, uitbrengen, distribueren en promoten van popmuziek. Sla er Music 2.0 van Gerd Leonhard maar op na. Ga daar maar eens aanstaan. Neem als voorbeeld In Rainbows van Radiohead. Opgenomen zonder bemoeienis van de muziekindustrie, aangeboden op internet voor wat de downloader ervoor wil geven en uitgebracht in een speciale, peperdure box voor de échte fans. Kijk, dat is nichemarketing avant la lettre. De internationale pers schreef enkel in superlatieven over de durf en experimenteerdrift van de eigenwijze Britten. De doodsteek voor de muziekindustrie, toegediend door door de muzikanten zelf. Ach, de media laten zich graag een rad voor de ogen draaien. Radiohead is de muziekindustrie. De miljoenen ponden die ze eerder verdienen binnen het traditionele muziekverkoopmodel maakte hen onafhankelijk van de platenindustrie. Ze investeerden een deel van dat geld in een peperdure opnamestudio, een stel marktingexperts en internetkenners. Resultaat? Een slimme, uitgekiende strategie die de band meer geld &#8211; de downloaders betaalden gemiddeld bijna tien dollar voor het album &#8211; heeft opgeleverd dan via de traditionele manier. Het Amerikaanse Nine Inch Nails gaat nog een stapje verder. De band bracht dit jaar twee albums uit onder een Creative Commons-licentie: Ghosts I &#8211; IV en The Slip. Rare keuze voor zo’n grote act, zoals Marco Raaphorst op zijn blog betoogt? Juist niet. Bekende acts komen immers op andere manier aan veel meer geld. De speciaal vormgegeven en in beperkte oplage uitgegeven box van Ghosts I &#8211; IV van driehonderd dollar was in nog geen twee dagen uitverkocht. Zo doe je dat dus. Juist voor onbekende muzikanten is de nieuwe werkelijkheid weerbarstiger. Eindelijk verlost van de dwingende en onredelijke structuren van de muziekindustrie staan zij tussen miljoenen anderen te schreeuwen om aandacht. In veel gevallen een heilloze missie.</p>
<p>Er is hoop. Het kleine, onafhankelijke platenlabel is terug van weggeweest. En met succes. Voor cut-up.radio interviewde Joerie Adriaanse eind 2006 drie Nederlandse labels: Muze, Esc-Rec en Narrominded. Hun succes? Het creëren van een duidelijke identiteit én het aanboren van een nichemarkt. Het Utrechts Beluga Recordings gaat nog een stap verder. Sinds een jaar biedt het label alle uitgebrachte albums gratis aan op internet. Over cijfers wil eigenaar Simon Sixsmith &#8211; geboren Brit en allerlei omzwervingen uiteindelijk gevallen voor een Utrechtse schone &#8211; niet praten. Ach ja, eentje dan: zijn debuutalbum werd al drieduizend maal gedownload. ‘En het dat blijft maar doorgaan, ook al is het album al een tijdje uit. Dat is het voordeel van internet. Soms krijgt een ouder album plotseling veel downloads om onduidelijke redenen. Dat is een van de leuke natuurlijke wetten van het internet.’ Sinds kort biedt het label de cd’s niet meer fysiek te koop aan, al zijn ze wel te koop via iTunes. Inkomsten uit muziek zijn dus verwaarloosbaar, al zijn ook de kosten laag. ‘We doen onze ondertitel Save/Fuck The Music Industry eer aan. We bieden muziek gratis aan en hebben hele artiestvriendelijke contracten afgesloten met de muzikanten. De publicatierechten blijven bij de muzikant zelf. We willen juist het tegenovergestelde zijn van de grote platenmaatschappij die de kleine artiest naait. Aan de ene kant redden we de muziekindustrie door uit te gaan van de muziek en niet van het geld, aan de andere naaien we de geldkant van de industrie en maken we het er alleen maar moeilijker op om te verdienen aan muziek.’ Volgens Sixsmith zijn dat twee kanten van dezelfde medaille. Toch ziet hij de toekomst rooskleurig in. ‘Hoe minder de muziekindustrie draait om geld, hoe meer echte muziekliefhebbers er zullen gaan werken. Je ziet de verandering al terug in de hitlijsten. Een tijdje geleden stonden die nog vol een-hit-wonderen, nu zie je steeds meer rockbands hits scoren die wel degelijk echt hun instrumenten beheersen. Zoals het vroeger ook was, zeg maar. Zo is de cirkel weer rond.’</p>
<p>Kleine door muziekliefhebbers gerunde labels als Beluga Recordings zijn een uitzondering. Toch zijn ze onontbeerlijk in het muzikale landschap van de nabije toekomst. De muzikant die van alle markten thuis is zoals Maarten Brinkerink in zijn scriptie beschrijft , is immers een zeldzaamheid. Een van de weinige voorbeelden? Einstürzende Neubauten. Sinds het begin van deze eeuw kopen fans van te voren een aandeel in het nieuwe album van de Berlijnse band. Niet alleen krijgen de investeerders het uiteindelijke album, ook hebben ze via internet toegang tot de opnamesessies en inspraak tijdens de studiosessies van de band. Einstürzende Neubauten maakt nieuwe muziek samen met de échte fans. Kijk, dát is muziek 2.0 die de belofte weet waar te maken. Al ontkomt ook Einstürzende Neubauten uiteindelijk niet aan het samenwerken met traditionele platenmaatschappijen om verzekerd te zijn van aandacht in de media. Ach, sommige zaken veranderen nooit. Een schrale troost voor Axel Winter en zijn vrienden.</p>
<p><strong>LEES</strong><br />
The Long Tail, How Endless Choice Is Creating Unlimited Demand (2006), Chris Anderson.<br />
Muziek 2.0, We Want More (in Bright, 2007), Erwin van der Zande en Theo Ploeg.<br />
Cyberindie, Digitale Cultuur En De Veranderende Muziekindustrie (2008), Maarten Brinkerink.<br />
Music 2.0 (2008), Gerd Leonhard.</p>
<p><strong>SURF</strong><br />
<a href="http://www.belugarecordings.com/">www.belugarecordings.com</a><br />
<a href="http://www.maartenbrinkerink.net/">www.maartenbrinkerink.net</a><br />
<a href="http://www.marcoraaphorst.nl/">www.marcoraaphorst.nl</a><br />
<a href="http://www.bright.nl/">www.bright.nl</a><br />
<a href="http://www.mediafuturist.com/">www.gerdnews.com</a></p>
<p><em>dit artikel verscheen op vrijdag vijftien juni 2008 op cut-up.com en is in gewijzigde vorm verschenen in </em><a href="http://www.glamcult.nl/"><em>Glamcult</em></a><em>. Sinds december 2009 is webzine cut-up niet meer. Toch staat de content nog steeds online. Daar komt eind deze maand waarschijnlijk verandering in. De digitale voetsporen van cut-up worden dan voor altijd uitgewist. De mij dierbare stukken van eigen hand verschijnen de komende weken op dit blog</em>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/03/19/cut-up-nostalgie-weg-met-de-muziekindustrie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Popmuziek is geen pretje</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/02/21/popmuziek-is-geen-pretje/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=popmuziek-is-geen-pretje</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/02/21/popmuziek-is-geen-pretje/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 21 Feb 2010 08:17:54 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[pop]]></category>
		<category><![CDATA[bart meulemans]]></category>
		<category><![CDATA[de donkere kant van de zon]]></category>
		<category><![CDATA[popjournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[popmuziek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=592</guid>
		<description><![CDATA[Althans, volgens Bart Meuleman. Zijn boek De donkere kant van de zon, over popmuziek is een pareltje. Ja, het boek is inmiddels al een half jaar uit. Toch was het me ontschoten. Dat is raar. Blijkbaar krijgen Vlaamse auteurs in Nederland weinig aandacht in de media. En tja, het werk van Meuleman wijkt af van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Althans, volgens Bart Meuleman. Zijn boek <em>De donkere kant van de zon, over popmuziek</em> is een pareltje. Ja, het boek is inmiddels al een half jaar uit. Toch was het me ontschoten. Dat is raar. Blijkbaar krijgen Vlaamse auteurs in Nederland weinig aandacht in de media. En tja, het werk van Meuleman wijkt af van de boeken die door Nederlandse popjournalisten worden geschreven: het gaat de diepte in.</p>
<p>Goed, Meuleman is geen popjournalist. Toch schrijft hij met <em>De donkere kant van de zon</em> een boek over pop. Zijn uitleg in de inleiding spreekt boekdelen. Popjournalisten schrijven doorgaans enkel over de muziek, hebben weinig detail voor het umfeld van pop. Voor popcultuur, zogezegd. Een pleidooi dat ik van harte ondersteun. In tegenstelling tot de Duitse, Amerikaanse en Engelse popjournalistiek is de Nederlandse banaal. Dat betekent overigens niet dat er niet goed geschreven wordt. Helaas gebeurt dat voornamelijk in de marge.</p>
<p>Terug naar Meuleman. Dankzij Perdu kwam ik hem op het spoor. Of ik niet een lezing wilde geven over popmuziek, was de vraag van de literaire stichting uit Amsterdam. Op een avond waarop het boek van Meuleman centraal zou staan, of zou dienen als leidraad. Goed, Meulemans manier van denken, en schrijven, is niet de mijne. Hij duikt diep in de psyche van de popmuzikant en schrijft aan de hand van het culturele klimaat waarin de artiest opgegroeide en leefde een indringend portret. Mét oog voor de donkere kant van het leven. Vooral dat, eigenlijk. Prachtig om te lezen, een verademing ook. Maar zelf zit ik meer op lijn van Simon Reynolds. Ik duid liever stromingen, genres dan bands, individuele artiesten en muzikanten. Tja, de socioloog in mij is behoorlijk dominant.</p>
<p>Gisteren pakte ik Meuleman overigens pas ter hand. In de trein las ik zijn stukken over Dusty Springfield en Beach Boys. Uiteindelijk kwam het eindstation, Maastricht, veel te vroeg in zicht. Ik kan niet wachten op die avond over popmuziek in Perdu op vrijdag 14 maart.</p>
<p>Oh ja, de komende dagen breng ik met mijn ouders en zus door aan de rand van de Veluwe (in een landhuis waar Madonna nog heeft geslapen). Geen lijstjesmaandag dus morgen. Met excuses.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/02/21/popmuziek-is-geen-pretje/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>ANP: creatief met nieuwe mediaonderzoek</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/02/14/anp-creatief-met-nieuwe-mediaonderzoek/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=anp-creatief-met-nieuwe-mediaonderzoek</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/02/14/anp-creatief-met-nieuwe-mediaonderzoek/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 14 Feb 2010 15:18:01 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[gonzo circus]]></category>
		<category><![CDATA[journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[kritiek]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[ANP]]></category>
		<category><![CDATA[facebook]]></category>
		<category><![CDATA[hyves]]></category>
		<category><![CDATA[mediaonderzoek]]></category>
		<category><![CDATA[nick davies]]></category>
		<category><![CDATA[twitter]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=582</guid>
		<description><![CDATA[Ach ja, doe eens gek. In tijden van economische malaise gaat het Nederlandse persbureau ANP zelf op onderzoek uit, in plaats van de persberichten van andere &#8211; al dan niet &#8211; onderzoeksbureaus over te schrijven. Goede zet? In het geval van de recente rondgang langs gemeenten om het gebruik sociale media te meten in ieder [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Ach ja, doe eens gek. In tijden van economische malaise gaat het Nederlandse persbureau ANP zelf op onderzoek uit, in plaats van de persberichten van andere &#8211; al dan niet &#8211; onderzoeksbureaus over te schrijven. Goede zet? In het geval van de recente rondgang langs gemeenten om het gebruik sociale media te meten in ieder geval niet.</p>
<p>Lees verder bij: <a href="http://www.gonzocircus.com/?p=3567" target="_blank">Frankfurt, rondblik in het landschap @ Gonzo (circus)</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/02/14/anp-creatief-met-nieuwe-mediaonderzoek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Maandag? Lijstjesdag! #2</title>
		<link>http://www.theoploeg.net/2010/02/01/maandag-lijstjesdag-2/?utm_source=rss&amp;utm_medium=rss&amp;utm_campaign=maandag-lijstjesdag-2</link>
		<comments>http://www.theoploeg.net/2010/02/01/maandag-lijstjesdag-2/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 01 Feb 2010 17:19:50 +0000</pubDate>
		<dc:creator>theo</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[nieuwe media]]></category>
		<category><![CDATA[oude media]]></category>
		<category><![CDATA[pop]]></category>
		<category><![CDATA[heerlen]]></category>
		<category><![CDATA[Marshall McLuhan]]></category>
		<category><![CDATA[quentin foire]]></category>
		<category><![CDATA[red zone]]></category>
		<category><![CDATA[SCHUNCK*]]></category>
		<category><![CDATA[Spoelstra]]></category>
		<category><![CDATA[stanley donwood]]></category>
		<category><![CDATA[the almighty internet]]></category>
		<category><![CDATA[the medium is the message]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.theoploeg.net/?p=571</guid>
		<description><![CDATA[De Moordlijst van OOR bestaat niet meer. Dat heeft tenminste één voordeel: individuele lijstjes zeggen altijd meer dan door consensus gekleurde gezamenlijke. De afgelopen week verliep relatief rustig qua mediaconsumptie, al reisde ik op en neer tussen Haarlem en Heerlen voor een vergadering en de tentoonstelling van Stanley Donwood. Veel nieuwe muziek luisterde ik niet. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De Moordlijst van OOR bestaat niet meer. Dat heeft tenminste één voordeel: individuele lijstjes zeggen altijd meer dan door consensus gekleurde gezamenlijke. De afgelopen week verliep relatief rustig qua mediaconsumptie, al reisde ik op en neer tussen Haarlem en Heerlen voor een vergadering en de tentoonstelling van Stanley Donwood. Veel nieuwe muziek luisterde ik niet. Toch een lijstje? Jazeker! Maar wel slechts een top-3.</p>
<p><strong><img class="alignright" title="Spoelstra - The Almighty Internet" src="http://www.theoploeg.net/images/spoelstraalmightyintener.jpg" alt="" width="150" height="150" />1. Spoelstra &#8211; <em>The Almighty Internet</em></strong><br />
Muzikale postmoderniteit, dát is dit langspeeldebuut van Spoelstra. Hij vat er het internet in muziek. Bijna letterlijk. Dit is muziek met de intensiteit van informatiestromen die iedere seconde van de dag op ons worden afgevuurd. Geen ontkomen aan? Nou, dat valt mee. Wie in de muziek zelf gaat zitten, hoort opeens de strakke structuren en duidelijke patronen die Spoelstra onder de geluidschaos heeft neergelegd. Mooi? Daar ben ik nog niet over uit. Wel een intrigerende plaat, dit <em>The Almighty Internet</em>.</p>
<p><strong><img class="alignright" title="Stanley Downwood" src="http://www.theoploeg.net/images/stanleydonwood.jpg" alt="" width="150" height="150" />2. <em>Red Zone</em> van Stanley Donwood, SCHUNCK*, Heerlen</strong><br />
Goed, voor negentiger jaren grafisch ontwerp kun je me &#8216;s nachts wakker maken. Het werk van Stanley Donwood &#8211; bekend geworden als ontwerper van Radiohead-producten &#8211; ademt het futuristische idee van dat tijdperk. Zijn werk is niet in hokjes te stoppen en is zwanger van de toekomst. Donwood exposeerde al eerder in Nederland, maar Heerlen heeft een primeur: <em>Red Zone</em> is het meest complete overzicht van het werk van de Brit tot nu toe. In de categorie: moet je zien.</p>
<p><strong>3. <em>The Medium Is The Massage</em> van Marshall McLuhan en Quentin Foire</strong><br />
Mijn oude exemplaar bleek onvindbaar, dus kocht ik <em>The Medium Is The Massage</em> in de pocketuitvoering. In de trein gelezen en toch (weer) aangenaam verrast door de scherpe observaties van McLuhan. Prachtig grafische bijdragen van Foire, overigens. Die staan naast de tekst van McLuhan geheel op zichzelf. IJzersterke combinatie. Nooit gedacht dat ik het ooit zou vinden, maar: essentieel leesmateriaal voor mediastudenten.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="aligncenter" title="McLuhan en Foire - The medium is the massage" src="http://www.theoploeg.net/images/mccluhanmediumismmassage.jpg" alt="" width="500" height="350" /></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.theoploeg.net/2010/02/01/maandag-lijstjesdag-2/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
