Category: oude media


(pop)journalisten en internet

September 26th, 2011 — 10:53am

Het gaat slecht met The New York Times. Eerst hét bolwerk voor kwaliteitsjournalistiek, nu een krant die probeert te overleven in het digitale tijdperk. En tja, zoals met alle worstelende media vecht het instituut meer tegen zichzelf dan tegen de buitenwereld. Bleek ook in de veel te korte docu Page One: Inside The New York Times die gisteravond werd uitgezonden op Canvas.

Hoe komt het toch dat zoveel traditionele media en nieuwe media niet goed weten hoe om te gaan met de dynamiek van het web? In 2007 schreef ik een artikel over de staat van de Nederlandstalige popjournalistiek op het web. Deels uit frustratie, geef ik toe. Sinds het begin van deze eeuw heb ik in tal van internetredacties gezeten. Een paar jaar was ik hoofdredacteur van KindaMuzik, negen jaar leidde ik cut-up. Bij dat laatste webzine heb redacties meegemaakt die de nieuwe tijd omarmden alsof het een levenselixer was. Samen bliezen we de euforie die we misten sinds de jaren negentig nieuw leven in.

In 2009 trok ik er de stekker uit. Kostte te veel tijd, er waren te weinig schrijvers en de beoogde samenwerking met andere media kwam maar niet van de grond. Ik vond onderdak bij Gonzo (circus). Het Vlaamse papieren tijdschrift dat voor een deel in dezelfde niche opereert. Stuk minder pop dan cut-up maar op dezelfde manier op zoek naar diepgang, naar achtergronden, naar het wezen van deze tijd. Stiekem zag ik voor mezelf een rol weggelegd in de digitale tak van het blad. Daar is het nooit echt van gekomen.

Wel schreef ik voor Gonzo (circus) #97 een vervolg op mijn eerdere artikel. Een soort van stand van zaken. Mijn conclusie? Eigenlijk staat de Nederlandstalige pop- en cultuurjournalistiek er nog slechter voor dan in 2007. Hoe dat komt? Ik heb zo mijn ideeën. Nee, geen schot voor de boeg, want ‘een gevoel’ is niet genoeg om harde uitspraken te doen. Mijn ervaringen met het internetbeleid bij Gonzo (circus) en OOR zijn niet bepaald positief. Beide bladen – met een hele andere doelgroep – behandelen het digitale thuis als een noodzakelijkheid, een moetje. Dat is ontzettend jammer. Maar goed, dat is de redacties van beide bladen niet zomaar aan te reken. Er werken professionele en gepassioneerde journalisten, net als bij The New York Times, die denken in oude formaten. En tja, als je blad succesvol is – en dat zijn OOR en Gonzo (circus) -, waarom dan veranderen?

Geen opzienbarende gedachte. In het huidige tijdsgewricht is het denken in nieuwe ideeën eerder uitzondering dan regel. Dat is jammer, zonder meer, maar wel de werkelijkheid. Na Page One: Inside The New York Times kriebelt het bij mij in ieder geval weer. Wordt het niet weer eens tijd om in een redactie (buiten die van lokaal blog ZwartGoud, natuurlijk) plaats te nemen en écht aan de slag te gaan om pop- en cultuurjournalistiek en internet bij elkaar te brengen? Misschien. Maar dat betekent het oprichten van een nieuw initiatief. Cut-up nieuw leven in blazen? Zeker niet. Het oude succes – lange, diepgaande artikelen op internet en toch 35.000 unieke lezers – zou een te grote referentie zijn. Komende week schrijf ik mijn laatste artikel in de, zeer arbeidsintensieve, reeks Radicale Vrijheid voor Gonzo (circus). Dus daarna? Wie weet.

5 comments » | gonzo circus, journalistiek, kritiek, nieuwe media, OOR, oude media, pop

Weinig samenhang op C/O Pop

June 28th, 2011 — 6:25am

Apparat, foto: Tobias Vollmer

Grimas op het gezicht van Sascha Ring. Wéér een fout. De Berlijner probeert zijn teleurstelling te maskeren. Lukt dus niet. Zo speels en vrij als hij te werk gaat als Apparat, zo gespannen stond Ring er afgelopen donderdag bij mét band. Geen wonder. De akoestiek in de Philharmonie in Keulen is fabelachtig goed. Elke noot is perfect te horen, óók de valse. En tja, Ring wil extra goed voor de dag komen. Dit jaar nog moet er een album uitkomen van Apparat als heuse band: geen glitch meer, maar postrock met elektronica. Op het podium voor klassieke muziek blijft daar weinig van over. In de hoofdstad van de instrumentale rock overspeelde de Berlijner duidelijk zijn hand.

Lees verder bij OOR.

Comment » | creatieve industrie, dance, nieuwe media, oude media, pop

Niets mis met twitter

April 2nd, 2011 — 12:51pm

“Twitter is een bedreiging voor het vak. Nu staat de recensie onder druk door het idee dat alles al is beleefd en beschreven door het publiek”, beweert OOR-collega Tom Engelshoven in Dagblad Trouw. Verleidelijke gedachtengang, maar klinkklare onzin.

Lees verder op de gisteren totaal vernieuwde site van OOR.

Comment » | journalistiek, kritiek, nieuwe media, OOR, oude media

Douglas Rushkoff is een grenzeloze optimist

March 12th, 2011 — 10:58am

Douglas Rushkoff gelooft niet in machines, wel in mensen. In het interview dat ik met hem had  toonde hij zich een grenzeloos optimist.

Mijn gesprek met hem is nu te lezen in Gonzo (circus) #102. Uiteraard als onderdeel van de reeks Radicale Vrijheid. Mét wederom geweldige illustraties van Yorick Bergsma. Hieronder een kort voorproefje.

<<

Moldavië? Iran? Tunesië? Twitterrevoluties. En voeg Egypte maar vast toe. ‘The freedom to connect is a tool of liberation – and it’s powerful’, benadrukt Roger Cohen in The New York Times van 27 januari 2011. In de Verenigde Staten worden sociale media door de traditionele media geprezen voor de rol die ze spelen in recente volksopstanden en protesten. Hillary Clinton, minister van Buitenlandse Zaken onder Barack Obama, doet daar een flinke schep bovenop. Volgens haar kan de wereld zich via blogs, Facebook, YouTube en Google een weg naar democratie en vrijheid banen. Om er aan toe te voegen dat het voor de Verenigde Staten prioriteit heeft om ‘the power of connection technologies”’te versterken, “and apply them to our diplomatic goals”. Nog een stapje verder gaat Mark Pfeife, voormalig adviseur nationale veiligheid van de Verenigde Staten. Hij geeft Twitter vast de Nobel Prijs voor de Vrede voor de rol die het medium speelde tijdens de Iraanse protesten in 2009. New York Times-journalist Robert Cohen valt hen bij in zijn opiniestuk ‘Revolution Arab Geeks’. Hij was er bij, daar in Tunesië en ja, Facebook gaf jonge demonstranten de macht om zich te verenigen. YouTube bood ze de mogelijkheid om direct en onverbloemd te laten zien wat er gebeurde op de straten en de pleinen. Ook belangrijk: ze toonden de rol die het westen heeft gespeeld in het in het zadel heisen en houden van dictators. En dat pikt de jonge, niet-ideologische, generatie niet. Of Clinton daar ook zo blij mee is? Inmiddels groeit het commentaar op de lofzang op de rol die sociale netwerken spelen bij volksopstanden.

In het toonaangevende vakblad Foreign Policy veegt Golnaz Esfandiari de vloer aan met de vermeende rol van Twitter bij de Iraanse protesten. Er werd immers vooral getweet door buitenlanders in het buitenland. Ook werd Twitter effectief ingezet door de regering zelf om verdeeldheid te zaaien onder de protesteerders. De revolutie wordt niet getweet, beweert auteur Malcolm Gladwell, bekend van boeken als The Tipping Point (2002) en Blink (2005), in The New Yorker. Activisme, de wil om de bestaande situatie te veranderen, is gebaad bij een sterke sociale relaties. In zijn artikel haalt hij er allerlei voorbeelden uit het verleden bij – van de eerste Afro-Amerikaanse protesten tot de de val van de Berlijnse muur en vrijheidsstrijders in Afghanistan. Sociale media bieden juist zwakke relaties. Natuurlijk, ook die relaties bezitten kracht, maar de investering die nodig is om onderdeel te zijn van het netwerk is verwaarloosbaar. Het klikken op de ‘vind ik leuk’-knop op de Facebook-pagina van 3FM Serieus Request is een makkie. Actief deelgenoot worden van de protesten tegen de overheid niet. En daarin zit ‘m juist het verschil, betoogt Gladwell. Komt nog eens bij dat internet net zo goed bruikbaar is om mensen te onderdrukken als om democratie en vrijheid te brengen.

Althans, dat beweert Evgeny Morozov in zijn recent verschenen boek The Net Delusion: How Not To Liberate The World. Morozov is jong, 26 pas, en oorspronkelijk afkomstig uit Wit-Rusland. Hij heeft zich in de Verenigde Staten, z’n nieuwe thuisland, inmiddels opgewerkt tot de nachtmerrie van alle nieuwe media-optimisten. Met succes. De waslijst van (voormalige) werkgevers is imposant, al stelt zijn boek iets teleur. Te zwartgallig. Of, zoals Britse krant The Guardian opmerkt: hij is net zo pessimistisch over de zegeningen van nieuwe media als over mensen zelf. Toch snijdt zijn kritiek op cyber- en techno-utopieën hout. Het internet kan een Trojaans paard zijn dat vrijheid van binnenuit bestrijdt. Door die kant van nieuwe media te ontkennen, wordt ze er alleen maar gevaarlijker op. En tja, op zo’n boodschap zit de gemiddelde mediamaker en -consument niet wachten. Ook Hillary Clinton niet. Ooit was Douglas Rushkoff, geboren in 1961, zo’n cyber-utopist die Morozov in zijn boek te grazen neemt.

>>

Lees verder in Gonzo (circus) #102.

Comment » | gonzo circus, kritiek, nieuwe media, oude media

De pijnlijke naïviteit van Antony Hegarty

January 4th, 2011 — 8:01pm

Slechts één maal was de spanning om te snijden. Gisteravond, tijdens de tweede uitzending van Wintergasten, hielden Antony Hegarty en interviewer Leon Verdonschot elkaar knap in evenwicht. Tot het moment waarop Verdonschot het voortouw nam. Hegarty verkrampte, raakte zichtbaar geïrriteerd. Niet omdat Verdonschot het woord nam. Nee, de interviewer verbrak onbewust de magie van het moment.

Collegadocent Hein Bijvoet wist vanochtend aan te geven waar de schoen wrong: “Hegarty heeft besloten zonder ironie te leven. Bewust, wel te verstaan.” En tja, Verdonschot verviel inderdaad in postmoderne ironie. Het tweetal had zojuist gekeken naar een magistrale toesprak van Robert Kennedy naar aanleiding van de zojuist gepleegde moord op Martin Luther King. Knap geïmproviseerd, formuleerde Verdonschot, maar was Kennedy wel oprecht? De ogen van Hegarty schoten vuur. De gedachte alleen al.

Hegarty is een bijzonder mens. Zijn muziek doet me niet zoveel, maar wanneer de in New York woonachtige Brit vertelt hang ik aan zijn lippen. Hegarty geeft zich bloot. Tegen beter weten in. Volstrekt oprecht. Eerlijk, ook. Zijn ideeën over sekse deel ik niet – sekse is een sociale constructie, daar is niets ‘natuurlijks aan’ – maar ik onderschrijf zijn fundamentele kritiek op de westerse neiging tot dichotomie. Daar hebben we immers de absurde hokjes man en vrouw aan te danken. Hegarty past in geen van beide. Voelt zich er niet thuis. Hij heeft uiteindelijk leren leven in de wereld die niet te zijne is, een wereld die draait om regels en structuren die niet de zijne zijn. Hegarty staat ernaast, observeert, constateert,accepteert ze maar weigert zich aan ze te onderwerpen.

Zonder ironie. Ik kan dat niet, een systeem dat aantoonbaar ridicuul is accepteren, laten bestaan. Was ik Verdonschot geweest, ik had Hegarty bij de schouders gepakt, hem door elkaar geschud, hem gezegd dat hij de wereld niet moest accepteren zoals ze is. Dat hij de domheid, de stuitende onwetendheid moest bestrijden. De wereld meer zijn wereld zou moeten maken. Niet Verdonschot. Één mistap beging hij maar. Verder legde hij Hegarty niets in de weg. En zo mocht die zijn pijnlijk naïeve wereldbeeld ontvouwen. Pijnlijk omdat het me duidelijk maakt dat de ironie bij mij inmiddels is vervangen door cynisme. En dat moet anders. Dit jaar wil ik een beetje meer als Hegarty zijn.

Wintergasten met Antony Hegarty en Leon Verdonschot wordt aanstaande zaterdag 8 januari om 13.55 herhaald op Ned 2.

Meer info:
www.vpro.nl/programma/wintergasten en lees dan meteen het prachtige interview van Erik Zwennes met Hegarty.

2 comments » | oude media, pop

Bloggen is uit, meent de Volkskrant

November 26th, 2010 — 1:37pm

Traditionele media en internet, ze willen elkaar maar niet begrijpen. ‘Webloggen leeft nog, maar de gloriejaren zijn voorbij’, meent de Volkskrant vandaag naar aanleiding van het bericht dat Dutch Bloggies ermee ophoudt. Stompzinnig? Veel te kort door de bocht? Getuigend van weinig kennis van de blogosphere? Alledrie. En dat maakt het alleen maar nóg schrijnender voor de krant.

Wat bloggen precies is? Dat legt Heleen van Lier in haar artikel niet uit. Dat is raar. In ieder geval is het kommer en kwel in blogland. Argument voor die stelling komt van Jeroen Mirck: ‘De interesse in bloggen is niet meer zo heel groot. Bij blogworkshops voor bedrijven komt bijna niemand meer opdagen.’ Ach so, bloggen is dus niet meer hip omdat bedrijven, of eigenlijk medewerkers van bedrijven, er niet meer in zijn geïnteresseerd.

Dat is in tegenspraak met de reden die Mirck, juryvoorzitter van Dutch Bloggies, geeft voor het stoppen van de blogprijs. Er zouden namelijk te veel professionele blogs zijn ontstaan en die verdienen eigenlijk geen prijs. De amateurbloggers zijn vertrokken naar sociale media zoals Twitter, Hyves en Facebook waar ook allerlei informatie met anderen kan worden gedeeld. En ja, dat is volgens Mirck eigenlijk ook bloggen.

Voor die amateurs is de prijs er dus niet. Ook professionele blogs komen niet in aanmerking. En tja, dan blijft er niet veel over, concludeert Mirck. Dát zegt meer over Mirck dan over de werkelijke blogosphere, die overigens al jaren kritiek uit op Dutch Bloggies. Die zouden te incrowd zijn, te elitair en te veel van zichzelf vervuld. Een mening die ik deel. De afgelopen tijd kwamen er alleen al drie blogs in mijn interessegebied bij die ik dagelijks volg: Recensiekoning, De Optimist en Hard//Hoofd. Een stuk of vijf nieuwe bekijk ik regelmatig. Blogs die gemaakt worden door enthousiaste creatieven die veel energie, bloed, zweet en tranen in hun werk steken. Mirck en consorten begrijpen het blogmomentum gewoon niet meer.

Of is dat momentum nu verplaatst naar sociale media? Tja, dat is een oninteressante discussie, want totaal onvergelijkbare media en andere doelgroep. Het maakt maar weer eens duidelijk dat zelfverklaarde nieuwe mediagoeroe’s nog steeds denken in oude definities, die van massamedia. Een blog met tweehonderd vaste en trouwe bezoekers kan net zo relevant zijn als, eh, een Facebook-account met een paar duizend volgers. In het tijdperk van nieuwe media draait het immers niet om massa, maar om de kracht van het netwerk.

Goed, dat Mirck dat niet begrijpt is hem vergeven. Heleen van Lier, journaliste nieuwe media bij de Volkskrant, moet echter beter weten. Het immers haar taak verder te kijken dan de oppervlakte. Daar is ze immers journaliste voor. Doet ze niet. Slaafs schrijft ze de woorden van Mirck over, definieert ze nieuwe media als massamedia (‘de blogger wijkt uit naar Twitter’, alsof het óf óf is) en noemt ze twee kanshebbers voor de laatste blog-oscar der lage landen, ‘de blogger van het decennium’, om jeuk van te krijgen. Tonie van Ringelestijn en Merel Roze zijn onbetwist belangrijk geweest voor het Nederlandse bloglandschap. Maar wat doen Nalden en Bert Brussen in dat rijtje? Ze zitten bij De Wereld Draait Door en overschreeuwen zichzelf op het web, dat is voor Van Lier genoeg motivatie. Tja.

‘De blogger wijkt uit naar twitter’ laat vooral zien dat de Volkskrant niets begrijpt van nieuwe media. Al doet de krant er alles aan om het tegendeel te bewijzen. Die oppervlakkige, populistische toon en inhoud van het artikel representeren de donkere kant van het internet: wie maar hard genoeg schreeuwt, krijgt uiteindelijk gelijk. Met de Volkskrant komt het niet meer goed.

‘De blogger wijkt uit naar twitter’ is eveneens te lezen op de website van De Volkskrant.

4 comments » | journalistiek, kritiek, nieuwe media, oude media

De onbeholpen charme van Nick Davies

November 20th, 2010 — 4:41pm

‘Excuses voor mijn Engels’, sluit Nick Davies zijn zoveelste smeuïge anekdote af. Dat deed de Brit vorige week donderdagavond steeds. Een stopzin, zoals iedereen er wel een heeft. Boeiend was zijn verhaal zeker. Teleurstellend was de opkomst bij de eerste door MIC Society (beetje vreemd, die Engelse naam) georganiseerde lezing. Een student of dertig en een handvol docenten had de weg naar het auditorium van het Singelgrachtgebouw van de Hogeschool van Amsterdam gevonden. Veel te weinig, natuurlijk.

Wie er wel was, viel met de neus in de boter. Davies’ laatste boek, Flat Earth News – in het Nederlands vertaald als Gebakken Lucht, is een ontluisterend kijkje in de keuken van de kwaliteitskranten. Zij kozen de laatste jaren steeds meer voor amusement en steeds minder voor diepgang en achtergrond. Een proces waar mediawereld als geheel aan ten prooi is gevallen, meent Davies.

Hij heeft gelijk. De laatste tijd heb ik meerdere malen over het fenomeen geschreven vanuit Nederlands perspectief. Over de gemakzucht waarmee persbureau ANP dubieuze onderzoekjes verwerkt tot lekker leesbare persberichten. Over de gemakzucht van kwaliteitskranten als NRC en Volkskrant die de persberichten zonder morren overnemen. Over de gemakzucht van de mediaconsument die alles voor zoete koek slikt en vindt dat hij of zij oh zo goed is in het inschatten van wat wel en wat niet waar is.

Ja, onderzoeksjournalist Nick Davies en ik zitten op één lijn. Donderdagavond gaf hij studenten een aantal goede tips mee én prikte hij het idee door dat traditionele media een genuanceerd beeld van de werkelijkheid geven. De huidige aandacht voor het aangekondigde huwelijk tussen prins William en Kate in Engeland? Te gek voor woorden, meent Davies. ‘De meeste mensen kan het geen fuck schelen’, sneert hij. Precies wat er in Nederland gebeurt. Goed voorbeeld? De hype rond Twitter door kranten als NRC en Volkskrant, door nieuwsprogramma’s als De Wereld Draait Door en ÉénVandaag. Iedereen aan de Twitter? Nee hoor. Slechts een paar honderdduizend Nederlands twittert regelmatig.

Kortom, in de media regeert tegenwoordig de waan van de dag. Davies maakt zich er boos over. Je gelooft hem direct. Die iets te grote leren jas die van zijn linkerschouder afglijdt, die schittering in zijn ogen wanneer hij over zijn vak praat. Het maakt hem kwetsbaar, eerlijk, oprecht. Ja, een beetje onbeholpen. De stelligheid waarmee hij zijn mening brengt, versterkt dat beeld. En ja, je gelooft ‘m ook wanneer Davies vraagt of de camera uit kan, gestopt kan worden met twitteren omdat hij iets gaat onthullen dat binnen de muren van de collegezaal dient te blijven.

Speelt Davies een spel met zijn publiek? Waarschijnlijk wel. De onthulling – Wikileaksbaas Julian Assange misbruikt de beschuldiging van verkrachting aan zijn adres door te klagen dat de Amerikaanse veiligheidsdiensten er achter zitten – die hij doet is eigenlijk geen onthulling. Davies schreef er reeds over in de Britse krant Guardian. Toch creëert hij er een sfeer van samenzwering mee. Wij – toehoorders – delen iets met Davies dat onbekend is. Tenminste, dat willen we graag geloven. Knap. En ja, ook ik val voor de charmes van de Brit.

Belangrijkste tip voor studenten? Davies is stellig: ‘specialiseer je als journalist in een onderwerp of klein geografisch gebied.’ Of beide. ‘Schrijf over opera in Amsterdam’, geeft hij als voorbeeld. Dat moet de aanwezige MIC- en IAM-studenten als muziek in de oren hebben geklonken. Zij weten immers als geen ander dat ze zichzelf neer moeten zetten als expert. Als belangrijke node in het netwerk waarin ze zichzelf positioneren. Worden individuele expert in de nabije toekomst belangrijker dan de titels waarvoor ze schrijven? Daar doet Davies geen uitspraak over. Andrew Keen, toevallig vorige week maandag te gast op de Hogeschool van Amsterdam, is daar stellig van overtuigd. Hij schrijft er momenteel een boek over. Hoop dat mijn studenten er de komende tijd al over na gaan denken. En de komende MIC Society-lezingen wél bijwonen. Daar worden ze namelijk écht beter van.

Meer info over MIC Society op www.nieuwsenmedia.nl.

3 comments » | journalistiek, kritiek, nieuwe media, oude media

zondagclip #18: de nacht van de popmuziek

November 7th, 2010 — 10:12am

Gisteren gezellig dagje Hasselt – al twintig jaar niet meer in de stad geweest, laatste keer met Marthè Hoekstra – met zus en ouders maar ook vermoeiend en nog steeds verkouden. Geen Schradinova dus in Poppodium Nieuwe Nor ‘s avonds. Jammer, want daar was heel popcultureel Parkstad aanwezig. Maar goed, gezondheid gaat voor. Dan maar gezellig op de bank en voor de buis.

De marathonuitzending De Nacht van de Popmuziek bleek te veel van het goede. Na Joe Jackson hield ik het met een hoofd vol snot voor gezien. Geweldige televisie! En nee, dat Matthijs van Nieuwkerk en Leo Blokhuis, met hulp van Fenno Werkman, vooral gaan voor oude muziek en rock is helemaal geen probleem. Keuzes maken een programma immers alleen maar beter.

Nee, van mij mag De Nacht van de Popmuziek wekelijks op de buis (en later op internet). Dat de laat-dertigers – check vooral #DNvP en #NvdP op twitter – niet tegen ‘oudelullenmuziek’ kunnen is triest voor ze, maar geen reden om andere muziekliefhebbers een groot plezier te ontzeggen. Jongeren hebben er in ieder geval geen probleem mee, zo weet ik uit ervaring. Tijdens mijn colleges popmuziek – als onderdeel van de afstudeerworkshop over de muziekindustrie – bleek dat die generatie niet bezig is met heden en verleden. Voor hen is Joe Jackson net zo 2010 als Editors. Postmodern in hart en nieren, zeg maar.

Goed. Op de beta-site van Uitzending Gemist staat De Nacht van de Muziek al online. Let wel: beta dus. Misschien is onderstaande uitzending al offline gehaald. Genieten zolang het kan, dus. Oh ja, macgebruikers hebben wel Silverlight nodig.

Get Microsoft Silverlight
Bekijk de video in andere formaten.

2 comments » | nieuwe media, oude media, pop

zondagclip #12: de mijnsluiting

September 12th, 2010 — 5:52pm

Afgelopen vrijdag vond in het Parkstad Limburg Theater Heerlen de eerste editie plaats van TEDxEutropolis. Vijfenveertig jaar geleden kondigde toenmalig minister-president  Joop den Uyl op dezelfde plek de sluiting van de mijnen in Limburg aan. Historische grond dus. In 1965 was de boodschap verontrustend, de gevolgen desastreus. Nu is de boodschap hoopgevend. De gevolgen hopelijk positief. Zondagclip #12 is een ode aan de koempels die, om Frans Timmermans – die TEDxEutropolis prachtig openende – aan te halen, het zwarte goud diep onder de grond naar boven haalden voor hun bovengrondse dierbaren.

Comment » | heerlen, oude media

Over voetbal en gemakkelijke keuzes (column SV Nao Veure)

August 24th, 2010 — 10:46am

Mijn column voor de eerste SV Nao Veure! van seizoen 2010/2011. Omdat niet iedereen het fantastische blad van de officiële supportersvereniging van Fortuna Sittard leest.

Gemakkelijke keuzes. Daar ben ik niet zo van. Doorgaans kies ik de langste weg om ergens te komen, het moeilijkste standpunt om te verdedigen. Altijd gedaan, ook. Of dat mijn liefde voor Fortuna Sittard verklaart? Lastige vraag. Is dat eigenlijk wel een keuze, supporter zijn van een bepaalde voetbalclub? Geen gemakkelijke, in ieder geval. Dat verdient uitleg.

Opgroeien in de jaren zeventig is frusterend. Voetbal draaide nog om voetbal, maar ik was te jong om er écht van te genieten. Wat ik me herinner? Luisteren naar Langs De Lijn dat in de weekenden door de huiskamer van mijn opa en oma schalde. Mijn opa die sporadisch vertelde over Roda JC. Zijn club, dacht ik. Bleek Limburgia te zijn, maar die vereniging was geen schim meer van wat hij ooit was. Nee, opgroeien in Brunssum betekende een verscheurde voetbalidentiteit. Kerkrade en Sittard liggen immers ongeveer even ver weg. Of daarom zoveel vriendjes kozen voor Ajax of PSV? Ach, dat is gemakzucht. Die gemakkelijke keuzes, zeg maar. Je kon je er moeilijk een buil aan vallen. Misschien was het ook een vlucht. Feyenoord, een havenarbeidersclub met dezelfde mentaliteit als die van mijnwerkers, werd vakkundig gemeden. Leek té erg op het bekende. Dan liever dat mietjesvoetbal uit Amsterdam of die koopgrage gloeilampen uit Eindhoven. Een keuze op stand, dus. Niets voor mij. Het werd Fortuna. Om het gevoel, om dat prachtige stadion De Baandert, om de wilskracht die uit het voetbal sprak en stiekem ook om de underdog-positie van de club. De grote concurrent uit Kerkrade deed het namelijk best goed zo eind jaren zeventig en begin jaren tachtig. Ik geef toe: bepaald fanatiek was ik niet. En ja, ook op Kaalheide was ik te vinden tijdens de Europacup-wedstrijden tegen Vitória Guimarães, Sredets Sofia en AS Monaco. Toch, De Baandert bleef de mooiste voetbalplek op aarde.

Twintig jaar geleden verloor ik Fortuna uit het oog. Ik trok naar Amsterdam. Woonde de jaren daarna op loop- of fietsafstand van De Galgenwaard, Het Kasteel, De Meer, De Kuip, Olympia Stadion, RheinEnergieStadion en HFC Haarlem-stadion. Uit het oog uit het hart? Dat niet. Van een afstand bleef ik de club volgen. Wanneer ik in de buurt was pikte ik een wedstrijd mee. Niet vaak. Voor een popjournalist is de vrijdagavond, net als voor eerste divisievoetballers, dé belangrijkste werkavond. Toch werd mijn liefde voor Fortuna danig op de proef gesteld. Niet door Fortuna zelf, maar door het voetbal in het algemeen – dat absoluut waardeloze wereldkampioenschap – en Amsterdam in het bijzonder. Bij elke verloren Europese voorronde was het er raak: klagende Ajax-supporters. Een klein jaar verder waren ze er weer. Reden? Een onterecht verloren landskampioenschap. Collega-journalist Menno Pot, ook auteur van VAK 127 en De Derby, wist me te vertellen waarom. De teleurstelling bij Ajax is anders dan bij een club als Fortuna al snel groot, omdat er veel van de club wordt verwacht, zo legde hij me uit. Ik geloof er niets van. Klagen zit Amsterdammers gewoon in het bloed en Ajax-supporters zijn huilebalken. Stiekem ben ik altijd jaloers op Menno geweest. Hij woont zowat om de hoek bij De Arena. Kan ‘zijn’ team altijd thuis zien spelen. Dat wilde ik ook.

Laat ik eerlijk zijn. Ik ben vorige maand niet naar Zuid-Limburg verhuisd om Fortuna vaker te zien spelen. Maar het is mooie bijkomstigheid. Zeker nu. Met het aantrekken van Wim Dusseldorp en de nieuwe veelbelovende aanval gaat Fortuna stappen maken. Lopend of op de fiets naar de Trendwork Arena? Gaat nog steeds niet lukken. Wanneer ik uit mijn raam kijk, hoog boven het centrum van Heerlen, zie ik in de verte de lichtmasten van het Parkstad Limburg Stadion. Bepaald niet de gemakkelijkste keuze.

Comment » | fsc, oude media, sport

Back to top