dance, pop

De ware erfgenaam van Giorgio Moroder

Of je het nu typeert als schlagertechno of nü-compu-soul, de muziek van Justus Köhncke loopt over van verlangen. Verlangen naar de toekomst wel te verstaan. Want met melancholie heeft de in 1966 geboren Duitser helemaal niets. “Melancholie is zelfmedelijden en achteruitgang.”

Het Keulse Kompakt label heeft op stijlvolle manier de terugkeer van pop in techno bewerkstelligd. En met verschillende invalshoeken waarvan de meest uitgesproken populistische die van Justus Köhncke is. Hij is de ware erfgenaam van Giorgio Moroder. Je kan stellen dat Köhncke iets meer een scheiding maakt tussen tracks en liedjes, daar waar Moroder, met uitzondering van zijn soundtrackwerk, altijd dacht in de richting van de hitlijsten. Maar wat verbindt beide producers behalve een voorkeur voor vocalen die vaak op het randje van kitsch balanceren en een gave om de sequencer op de juiste manier te laten rollen? Köhncke lijkt als fenomeen haast verloren/onbegrijpelijk als je hem niet plaatst in de as die Moroder in zekere zin nog beter belichaamde dan Kraftwerk, een as van dansmuziek die in plaats van de gebruikelijke dictatuur van Groot-Brittannië en de Verenigde Staten een alternatief presenteerde van pan-Europees popfuturisme dat lijnen doortrok van Italië – waar Moroder werd geboren – naar Zwitserland en uiteindelijk Duitsland.

Totdat house opkwam produceerde deze as een vorm van disco die veel machinaler was dan haar Amerikaanse tegenhanger en dit verklaart in zekere zin waarom house beter heeft kunnen gedijen in Europa. Er wordt de laatste tijd geklaagd dat Europese dansmuziek haar zwarte wortels negeert en Köhncke is daar misschien een lichtend voorbeeld van, de meest Duitse der producers die niet bang is om een synthese te onderzoeken met de schlagertraditie. Het is een discutabele beschuldiging die helaas de mogelijkheden van een sterke en zelfbewuste Europese danscultuur negeert. Nieuwe connecties, een nieuwe mythologie die rijst uit een spel tussen geschiedenis en toekomst. De Europeaan van de 21ste eeuw luistert vanuit een ander perspectief naar muziek. We zijn nu allemaal Keuls.

“Schlagertraditie?” Justus Köhncke trekt een vies gezicht. Dan spreekt hij het woord nog eens langzaam en vol walging uit. “S-c-h-l-a-g-e-r.” Dan is hij even stil en zucht. “Ik wil dat woord niet meer horen. Ik kan het ook niet meer horen. Weet je hoe ze mijn plaat in Amerika en Canada typeren? Als soul. De Seattle Weekly schreef over nü-compu-soul. Kijk, daar kan ik wel iets mee en het klinkt tenminste leuk.” Fred Heimermann schudt zijn hoofd bevestigend. Het is half vier op een zondagmorgen in maart ergens in het havengebied van Antwerpen. Een paar uur eerder stonden beide Duitsers op het podium van club Petrol. Een prachtige zaal gevestigd in een oude loods aan de rand van de stad aan de Schelde. Lang duurde het optreden niet. Hooguit drie kwartier, misschien een klein uur. “Nu heb ik in mijn leven al duizenden optredens gedaan, maar dit was wel erg lastig”, verzucht Heimermann. Tijdens de uitgebreide tournee ter promotie van Köhnckes nieuwe plaat Doppelleben vormt Heimermann Köhnckes band. De twee kennen elkaar al jaren. Beiden waren zij immers actief in Whirlpool Productions en produceerden gezamenlijk Doppelleben, Köhnckes derde plaat en tweede voor het Keulse Kompakt.

“Vorig jaar draaide ik hier ook al ergens in het centrum van de stad. Dat was heel hard werken. Toen sloeg de vonk ook al niet over”, moppert Köhncke. Nee, Antwerpen en het geluid van Justus Köhncke lijken niet samen te gaan. Tijdens het optreden zit een deel van het piepjonge publiek op het lage podium. Met de rug naar de twee artiesten toe. Wanneer er een stevige beat weerklinkt willen ze zich wel laten verleiden tot een enkel danspasje, maar al snel nemen ze hun vaste plek weer in daar op de rand van het podium. “Het enige dat ik zag waren meisjesschouders met spaghettibandjes. Het leek wel een jaren zeventig disco”, grapt Köhncke. Net na het optreden wilde hij het liefst meteen weer in de auto stappen, terug naar zijn geliefde Keulen. Ondanks het gezeur en gezeik over de foute mentaliteit van de Vlamingen door drie Duitse studenten – die zomaar de kleedkamer binnen komen vallen – aan de modeacademie in de stad, is hij weer wat rustiger geworden. Zeker nu hij weet dat ik helemaal uit Nederland ben gekomen om het optreden te zien. Verrukt vraagt hij aan Heimermann of we op weg naar Antwerpen niet langs Amsterdam zijn gekomen. Jawel, hij weet het zeker. Ergens zag hij Amsterdam staan. Heimermann is de rust zelve en legt Köhncke geduldig uit dat de heenreis toch echt via Aken en Maastricht is gegaan. Amsterdam, daar zou hij heel graag eens optreden, maar tot nu toe toont Nederland weinig interesse voor zijn muziek.

Onbegrijpelijk. Zijn eerste in eigen beheer verschenen plaat – Spiralen der Herinnerung met in het Duits gezongen covers van onder andere Hildegard Knef, Neil Young en John Cage – mag dan wel onopgemerkt gebleven zijn, Was Ist Muzik? en het begin dit jaar verschenen Doppelleben zijn goed ontvangen in de Nederlandse media. “Mensen hebben moeite om de muziek te plaatsen”, doet Köhncke een poging om die desinteresse te verklaren. Ook in Petrol heeft het publiek zichtbaar moeite met de technopopliedjes. Vooral wanneer Köhncke de microfoon ter hand neemt. Wild en ogenschijnlijk ongecontroleerd danst de Duitser achter zijn keyboard. Een enkeling danst met hem mee. Misschien is het de lastig te plaatsen humor wel, filosofeert Heimermann. Of toch de Sehnsucht, denkt Köhncke. “Dat is iets heel anders dan melancholie”, vertelt hij, “Melancholie is achteruitgang, het mooier voorstellen van iets dat al geweest is. Het is terugverlangen naar vroeger. Verlangen naar dat wat was en daarmee een soort van zelfmedelijden. Sehnsucht is gericht op de toekomst, het is verlangen naar iets nieuws, iets dat alleen nog in je hoofd bestaat.”

Die Sehnsucht lijkt de directe exponent van het geluid van Moroder. Het is immers warm, futuristisch en ergens behoorlijk introvert. Het is muziek die een nieuwe wereld schept om in je eentje in te wandelen, te leven, van te proeven. Die eenlinggedachte ziet Köhncke wel zitten. Dat hoort wat hem betreft ook bij het kunstenaarsschap. “Kijk, eigenlijk ben ik een kunstenaar in dienst van Kompakt.” Hij wijst op Heimermann: “Dat geldt ook voor hem. Van buitenaf lijkt Kompakt een familie, maar het is meer een heimat, een plek waar je je thuis voelt. Waar je onder vrienden bent.” Dat is tegenwoordig ook wel nodig in een stad als Keulen vinden de twee. Ja, geven ze toe, er komt ontzettend veel muziek uit Keulen. Verwonderlijk veel zelfs. Maar wie denkt dat er daarom in de stad veel te doen is, heeft het mis. Heimermann weet precies waar de pijn zit: “Voor de val van de muur was Keulen de stad van West Duitsland. In de jaren negentig was dat ook nog zo, maar nu Berlijn hoofdstad geworden is en er veel gebeurt trekken steeds meer mensen daarheen. Dat laat open plekken achter in Keulen.” Die vlucht naar Berlijn is meer dan logisch, valt Köhncke hem bij. Wonen in Keulen is bijna onbetaalbaar, in Berlijn kost het niets. Vertrekken uit Keulen? Nooit! Köhncke is fel: “Aan de ene kant is Keulen de stad van de media en tv. Dat is een schijnwereld waar wij niets mee van doen hebben en willen hebben. Je zou kunnen stellen dat wij met onze activiteiten virtuele aanslagen plegen op die schijnwereld. Wij laten zien dat er nog genoeg te verlangen valt, nog genoeg te dromen is. Wie moet dat anders doen als wij er niet meer zijn?”

dit artikel verscheen op woensdag 1 juni 2005 op cut-up.com en schreef ik samen met Omar Muñoz-Cremers. Sinds december 2009 is webzine cut-up niet meer. Toch staat de content nog steeds online. Daar komt eind deze maand waarschijnlijk verandering in. De digitale voetsporen van cut-up worden dan voor altijd uitgewist. De mij dierbare stukken van eigen hand verschijnen de komende weken op dit blog.

Standard

One thought on “De ware erfgenaam van Giorgio Moroder

  1. Pingback: Tweets that mention De ware erfgenaam van Giorgio Moroder — observaties vanaf de zijlijn -- Topsy.com

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.