cut-up ist nicht tot

by theo

cut-up.logoNog niet, althans. Wel verkeert het in een comateuze toestand. Had ik niet verwacht. Begin deze maand besloot ik het webzine om te vormen tot platform. Een groot verschil. Bij een magazine zwaait immers een redactie de scepter, kiest weloverwogen onderwerpen en het zet opdrachten uit, een platform staat open voor bijdragen van iedereen. Resultaat? Helemaal niemand draagt meer bij. Tja.


Dat was wellicht te verwachten. In een jaar zijn de bezoekcijfers van cut-up gekelderd van twintigduizend unieke lezers per maand, naar een schamele vierduizend. Heeft alles te maken met het niet regelmatig publiceren. Te weinig bijdragers, dus. Dat steekt.

In de tijd dat cut-up mrk I het levenslicht zag, ging Opscene een onzekere toekomst tegemoet. Ik had mijn ziel en zaligheid aan het undergroundtijdschrift verpand. Opscene verscheen tweemaandelijks op papier en kampte met grote financiële problemen. Zo groot dat de uitgeverij niet meer door wilde gaan. Oorzaak van de nood? De gratis cd die bij het blad zat ingesloten. Oké, heel hoog was de schuld niet. De uitgeverij zag het wel als ideaal argument om Opscene af te stoten, ze gaf immers verder alleen boeken uit.

Het wrange? Het ging, op alle andere fronten dan het financiële, uitstekend met Opscene. Uiteindelijk zag de laatste uitgave ergens eind 2001 het levenslicht. Onderhandelingen met een andere uitgeverij liepen spaak. Ze wilden Opscene veranderen in een glossy. Terug naar de DIY bleek ook geen optie. Het was mooi geweest, vonden de redacteuren die het tijdschrift in de jaren tachtig waren gestart. En tja, die spreek je dan niet tegen. Al deed ik een poging om Opscene in ieder geval tijdelijk onderdak te geven op cut-up, mijn kersverse initiatief.

Dat mocht niet baten. Als voorzorgsmaatregel kocht ik www.opscene.nl. Nooit iets mee gedaan, nog steeds in mijn bezit. cut-up stoof uit de startblokken. Om misverstanden te voorkomen: cut-up is Dave Roozendaal, Frank Kloos, Timmy Hectic – die de naam overigens bedacht – en ik. Later aangevuld met Ian Allaway, Wilfried Houjebek, Bas van Heur en Maarten Brinkerink als belangrijke trekkers. Na cut-up mrkI – in het Engels en met dominante vormgeving – volgde cut-up mrkII, waar tekst het overnam van het uiterlijk. Met mrkIII kreeg de website pas z’n huidige vorm.

Met succes, overigens. Tot zo ongeveer midden 2005. Best apart. In de jaren daarvoor was ik eveneens hoofdredacteur van KindaMuzik. De andere redacteuren van cut-up deden er eveneens duizend-en-één-dingen bij. 2005 is een sleuteljaar. Iedereen ging andere dingen doen, ook ik. Berlijn, Keulen, rondreizen: cut-up kwam er bekaaid vanaf. Achteraf is het gemakkelijk praten. Het webzine is die klap nooit te boven gekomen. Ja, begin 2006 was er kleine opleving, een klein jaar later een prachtige nieuwe vormgeving, waarin ook radio en video een plek kregen. Probleem? Inmiddels werd er geen audio en video meer gemaakt.

Ondanks de inzet van Thijs Menting, Joeri Adriaanse, Maria Cristina Fazecas, Karianne Hylkema en incidentele bijdragen van Peter Bruyn (sorry aan iedereen die ik ben vergeten!) lukte het cut-up niet meer om het eigen statement – het bieden van een blauwdruk van blablabla – waar te maken. En tja. Dat vereist maatregelen. Dat is ook hét verschil met Opscene: daar was niet het gebrek aan enthousiaste hemelbestormers het probleem. Bij cut-up wel. Dat kan ik alleen mezelf aanrekenen. Het lukt me niet – of, eigenlijk beter, niet meer – om met een handjevol onervaren bijdragers, een goed webzine neer te zetten. Punt.

En tja, die platformgedachte schiet eveneens geen wortels. Logisch, denk ik. Het internet zit vol met platforms. Waar de Nederlandse popcultuurjournalistiek behoefte aan heeft, is een webzine mét een duidelijk gezicht, mét een mening. Schreef ik onlang nog een artikel over dat gepubliceerd wordt in 54.780 Woorden over Nieuwe Media Cultuur in Nederland. Nederlandse tijdschriften mét een brutaal eigen gezicht? Zijn op de vingers van een hand te tellen. En zelfs dat wordt lastig.

Wat te doen met cut-up? Opheffen? Kan. Eind januari loopt mijn eigendomsrecht op www.cut-up.com af. Ik heb nog niet verlegd. Als archief online laten staan? Kan, maar dan zitten de mindere periodes er ook gewoon bij. Das zonde. Of niet soms? Gewoon ermee doorgaan? Is een optie. Zeker gezien het enthousiasme van Maarten. Maar ja, een magazine maken met z’n tweeën voor vierduizend lezers op internet?

Lastige beslissing dus. potentiële hoofdredacteuren kunnen zich bij melden. Serieuze bijdragers ook, overigens. Ik reken nergens op. Op tien november aanstaande is WilliamS. Burroughs – de grondlegger van de moderne cut-up methode – tien jaar dood. Paradiso organiseert naar aanleiding daarvan een avond. Mooie gelegenheid om dan over de toekomst van het webzine cut-up te beslissen.