TEDxEutropolis

March 10th, 2010 — 2:05pm

bezoek www.TEDxEutropolis.eu.

Comment » | creatieve industrie

cut-up zoekt grafisch ontwerpers voor postuum eerbetoon

March 9th, 2010 — 11:10am

Eind deze maand komt er een definitief einde aan cut-up, het webzine waar ik negen jaar lang de scepter heb gezwaaid. Het contract bij de huidige provider loopt namelijk af. Goed, het is een beetje kort dag. Toch wil ik een eerbetoon uitbrengen aan een, in mijn ogen, belangrijk en eigenzinnig Nederlands webzine. Postuum als het moet. Idee? Een tijdschrift met een bloemlezing uit negen jaar cut-up.journalistiek. Elk artikel opgemaakt door een ander grafisch ontwerpbureau of grafisch ontwerper.
Continue reading »

2 comments » | journalistiek, nieuwe media

Maandag? Lijstjesdag! #5

March 8th, 2010 — 1:54pm

De 21 beste romans van de 21e eeuw staan deze week in De Groene Amsterdammer. Althans, volgens de literatuurcritici van Nederland. Eerlijk gezegd kan ik daar niet zo met de lijst. In de jaren negentig van de vorige eeuw schreef ik nog aardig wat romanrecensies. Dat was aan het begin van deze eeuw over. Muziek en nieuwe media kregen de overhand. En tja, specialisatie is in journalistenkring normaal. De romans uit de lijst in De Groene die ik toevallig gelezen heb – en dat zijn er nog geen handvol – deden mij echter weinig. Daarom deze maandag mijn ‘beste romans van het eerste decennium van deze eeuw’-lijstje. Omdat ik (te) weinig heb gelezen is het een top-5 geworden.

1. Coyote – Thomas van Aalten (2006)
Vlaming in Nederland. Dát is Thomas van Aalten. Zijn eerste twee romans – Sneeuwbeeld en Tupelo – zijn typisch jaren negentig en verraden de invloed van Brett Easton Ellis. Coyote is andere koek. Van Aalten is er duidelijk beïnvloed door film noir, door de esthetiek van David Lynch en Gus van Sant. Coyote is een meesterwerk. Niet de gedachtengang van de hoofdpersoon staat centraal – zoals zo vaak in de Nederlandse roman – maar de situaties. Die zijn absurd, magisch, anders. Daarin toont de auteur zich nauw verwant met de Vlaamse magischrealisten én schrijvers als Paul Mennes en Jeroen Olyslaegers. Auteurs die net als Van Aalten de absurditeit van de werkelijkheid tot speeltuin verheffen. Wellicht dat Van Aalten daarom ook in Amsterdam is neergestreken.

2. Wij - Jeroen Olyslaegers (2009)
Goed, Olyslaegers dus. De man van de geweldige romans Navel en Open gelijk een mond. Eerlijk is eerlijk, Wij komt wat traag op gang, maar wanneer de verschillende verhaallijnen bij elkaar komen, ontspint zich een beklemmend drama. In typisch Vlaamse stijl. Niets is wat het lijkt. Wij is, kortom, een prachtig verhaal van ontsporing op alle vlakken. Ook fijn: de roman speelt eind jaren zeventig. Een tijd waarin ook de westerse maatschappij langzaam ontspoort. Net als het leven van hoofdpersoon Georges, dus. Ach, Humo omschrijft het boek pijnlijk treffend: ‘Wij is een eivol boek, gelaagd en zwaar op de hand, onthutsend en verdorven: een cadeau aan de Nederlandstalige literatuur.’

3. House of leaves – Mark Z. Danielewski (2000)
Inkoppertje. Goed, bij Danielewski gaat het net zo goed om vorm als om inhoud. Beide zitten goed. Het lezen van House of leaves vergt geduld en het vermogen en wil om moeite te doen. Het verhaal krijgt de lezer immers niet cadeau. De beloning is niet mis. En na de laatste pagina zit de lezer met meer vragen dan bij het begin van het boek. Ach, dat is ook wel eens fijn. Zeker in het geval van House of leaves. Dáár zou ik nog een boek over lezen. En ook weer niet. Een vervolg kan immers enkel tegenvallen. Of toch niet?

4. J-Pod – Douglas Coupland (2006)
Misschien ben ik in de jaren negentig blijven hangen. J-Pod van Douglas Coupland is immers ergens een vervolg op Microserfs, dat de in Duitsland geboren Canadees een decennium eerder schreef. Maar toch, J-Pod geeft weer een prachtig beeld van de wereld van de nieuwe mediaprofessional die, oh zo hip, niet los kunnen komen van de door hen gecreëerde schijnwereld. Kortom, een perfect elixer om te overleven in een wereld die wordt gedomineerd door haantjesgedrag, vernieuwingsdrang en grootheidswaanzin. Ik zou eigenlijk meer van Coupland moeten lezen, maar zijn The gum thief en Generation A saan hier nog steeds onaangeroerd in de kast.

5. Ein lied mehr – Blumfeld (2007)
Geen roman. Wel literatuur. Proza. De teksten van Blumfeld zijn de mooiste liedjesteksten ooit geschreven. Door romanticus en filosoof Jochen Distelmeyer. Ein lied mehr is de zwanenzang van de Duitse band. Eerder schreef ik over de teksten van Distelmeyer voor webzine cut-up: ‘Tja, waar Nirvana met Nevermind levensangst verklankt voor tieners, doet Blumfeld – overigens vernoemd naar een oudere vrijgezel uit een verhaal van Kafka – dat voor jong volwassenen. Hoe te overleven in een wereld die niet te begrijpen is? Die niet te controleren is? Ich-Maschine geeft geen antwoord, wel gemoedsrust. Ook Distelmeyer loopt tegen dezelfde muren aan als ik, een in zichzelf verloren student filosofie in Amsterdam. Ich-Maschine is als een drug. Distelmeyer schreeuwt voor mij en duizenden die net als ik niets begrijpen van dit leven. Politiek teruggebracht naar een menselijke maat. Uiteindelijk volgt de berusting dat er geen oplossing is. Bij mij en bij Distelmeyer.’ Niets aan toe te voegen.

En jullie favoriete romans van het eerste decennium van deze eeuw?

Comment » | pop

De radicale romantiek van Stanley Donwood

March 3rd, 2010 — 8:59pm

“Hoor je dat? Thom Yorke komt misschien ook nog!”, fluistert een meisje opgewonden. Geroezemoes en rumoer tijdens het openingspraatje van Stijn Huijts. Een zelfverzekerde spreker is de directeur van de Heerlense cultuurpaleis SCHUNCK* niet. Wel een gepassioneerde. Zeker wanneer hij het heeft over Red Maze van Stanley Donwood. Eigenlijk zijn tentoonstelling. Hij vatte immers het idee op om iets te doen op het raakvlak van hogere en lagere cultuur. Jaren geleden al. Drijfveer? Zijn passie voor popcultuur. Het resultaat? Een overzichtstentoonstelling van Donwoods werk. Voor het eerst in de lange carrière van de Britse kunstenaar. En ja, zo vertelt Huijts tussen neus en lippen door, misschien komt de voorman van Radiohead even buurten.

Lees verder bij: Frankfurt, rondblik in het landschap @ Gonzo (circus).

Comment » | gonzo circus, kritiek, kunst, pop, recensie

Maandag? Lijstjesdag! #4

March 1st, 2010 — 8:02am

Man caves. In Amerika heeft elke man er een. Nederland loopt de afstand in. Ook in ons land verlangen mannen steeds meer naar, ehh, mannendingen. In de jaren negentig bedekte de hang naar integratie, gelijke rechten, lief zijn voor elkaar en de groeiende welvaart de masculiene cultuur met een deken van zachtaardigheid. De éénentwintigste eeuw brengt de man terug aan de macht.

Dat beweerde althans Arie Boomsma als tafelgast bij De Wereld Draait Door. Matthijs van Nieuwkerk wendde beschaamd het hoofd af. Nico Dijkshoorn likte aan zijn onderlip. Ja, een mannengrot, dát is waar iedere man stiekem van droomt.

Een wát? Man cave, mannengrot in het Nederlands. Een plek waar de man weer man kan zijn. Kan drinken met z’n maten, grove taal uit kan slaan en kan kijken naar vrouwen die precies doen wat hij wil dat ze doen. Maar da’s toch een stripclub? Close, inderdaad. En bij een stripclub hoort muziek. Goede muziek. Rockmuziek. Dubbelzinnige muziek die flirt met masculiniteit én vrouwelijkheid. Precies ja: hair metal.

Voor wie hair metal nieuw is: check eerst de vele lijsten die er op het web rondzwerven en doe een dagje YouTube met Ratt, Quiet Riot, Posion, Cinderella, Guns’n'Roses en White Lion. Gevorderden laven zich aan het onderstaande lijstje. En oh ja, mannen? Laat het matje in je los!

1. Bang Tango – Someone Like You (1989)
De einddagen van de hair metal. Dat is te zien en horen. Bang Tango maakt hair metal, maar wil The Cult zijn. Levert een geweldig nummer op. Dames, ook ideaal om op te strippen.

2. Dan Reed Network – Get To You (1988)
Nichterig? Ja, best wel. Maar dat hoort bij hair metal. Dan Reed is niet voor iedereen weggelegd. Want net zo sexy als Prince. En tja, daar kan de gemiddelde mannengrotman niet zoveel mee. Gebrek aan zelfvertrouwen, enzo. Mijn lezers zijn echter niet gemiddeld. En dames? Ook deze is heel erg stripfähig.

3. Skid Row – I Remember You (1989)
Bon Jovi-pastiche? Jazeker! Maar een hele goede. Skid Row maakt misschien wel de laatste goede hair metalballade van de tachtiger jaren. The Cult neemt begin jaren negentig het stokje. Metal is dan al op sterven na dood. I Remember You is ideaal voor wanneer de drank z’n werk gaat doen. Heren? Hebben we de Fisherman’s Friends binnen handbereik.

4. Badlands – Dreams In The Dark (1989)
Tja, die Amerikanen toch. Badlands duikt constant op in de Hair Metal-lijstjes voor gevorderden. Dat terwijl gitarist Jake E Lee er vooral teruggrijpt op klassieke hardrock. Geen nood. Badlands past precies in dit lijstje. Want échte mannen zonder make-up, goed gitaar- en zangwerk (hallo David Coverdale!) én muziek waarmee je serieus voor de dag kan komen. Hair metal, kortom, voor de man die zichzelf inmiddels heeft geaccepteerd als jager.

5. David Lee Roth – Yankee Rose (1986)
De koning van de hair metal. En, zonder twijfel, nog steeds de beste. David Lee Roth is dé belichaming van de Amerikaanse man. En, god, wat een strot. Met Steve Vai op gitaar kan dit nummer, en al het andere werk van Roth in de jaren tachtig, onmogelijk nog stuk. Beter dan Van Halen? Stiekem wel. Schud dat matje dus los! En dames? Dansen maar!

7 comments » | pop

Popmuziek is geen pretje

February 21st, 2010 — 9:17am

Althans, volgens Bart Meuleman. Zijn boek De donkere kant van de zon, over popmuziek is een pareltje. Ja, het boek is inmiddels al een half jaar uit. Toch was het me ontschoten. Dat is raar. Blijkbaar krijgen Vlaamse auteurs in Nederland weinig aandacht in de media. En tja, het werk van Meuleman wijkt af van de boeken die door Nederlandse popjournalisten worden geschreven: het gaat de diepte in.

Goed, Meuleman is geen popjournalist. Toch schrijft hij met De donkere kant van de zon een boek over pop. Zijn uitleg in de inleiding spreekt boekdelen. Popjournalisten schrijven doorgaans enkel over de muziek, hebben weinig detail voor het umfeld van pop. Voor popcultuur, zogezegd. Een pleidooi dat ik van harte ondersteun. In tegenstelling tot de Duitse, Amerikaanse en Engelse popjournalistiek is de Nederlandse banaal. Dat betekent overigens niet dat er niet goed geschreven wordt. Helaas gebeurt dat voornamelijk in de marge.

Terug naar Meuleman. Dankzij Perdu kwam ik hem op het spoor. Of ik niet een lezing wilde geven over popmuziek, was de vraag van de literaire stichting uit Amsterdam. Op een avond waarop het boek van Meuleman centraal zou staan, of zou dienen als leidraad. Goed, Meulemans manier van denken, en schrijven, is niet de mijne. Hij duikt diep in de psyche van de popmuzikant en schrijft aan de hand van het culturele klimaat waarin de artiest opgegroeide en leefde een indringend portret. Mét oog voor de donkere kant van het leven. Vooral dat, eigenlijk. Prachtig om te lezen, een verademing ook. Maar zelf zit ik meer op lijn van Simon Reynolds. Ik duid liever stromingen, genres dan bands, individuele artiesten en muzikanten. Tja, de socioloog in mij is behoorlijk dominant.

Gisteren pakte ik Meuleman overigens pas ter hand. In de trein las ik zijn stukken over Dusty Springfield en Beach Boys. Uiteindelijk kwam het eindstation, Maastricht, veel te vroeg in zicht. Ik kan niet wachten op die avond over popmuziek in Perdu op vrijdag 14 maart.

Oh ja, de komende dagen breng ik met mijn ouders en zus door aan de rand van de Veluwe (in een landhuis waar Madonna nog heeft geslapen). Geen lijstjesmaandag dus morgen. Met excuses.

3 comments » | journalistiek, oude media, pop

Maandag? Lijstjesdag! #4

February 15th, 2010 — 9:10pm

Britpop is deze eeuw niet meer wat het ooit geweest is. Goed, Franz Ferdinand is een aardige band, maar met materiaal als Arctic Monkeys wordt de oorlog zeker niet gewonnen. Een nieuwe Primal Scream, dáár is behoefte aan. En nee, één Kasabian maakt nog geen zomer. Hieronder vijf maal britpop die wél de tranen op de wangen doet prikken.

1. Working For A Nuclear Free City – Rocket
Typisch Manchester, uit Manchester. Working For A Nuclear Free City zit ergens tussen Primal Scream en Campag Velocet in. Stylus Magazine typeert de band als: “a flawless lucid-dream trip through a thousand fantastical influences”. Derde album Jojo Burger Tempest verschijnt binnenkort. Eindelijk de langverdiende doorbraak? Vast niet. Helaas.

link:
www.myspace.com/wfanfc

Working For A Nuclear Free City ‘Rocket’ from Melodic on Vimeo.

2. Viva Stereo – Night Owl
Opvolgers van Primal Scream? Zou best eens kunnen. Niet alleen komt Viva Stereo uit Glasgow, muzikaal schurken ze dicht tegen het Primal Scream van eind jaren negentig aan. Maar tja, de doorbraak laat al jaren op zich wachten.

Link:
www.myspace.com/vivastereo

3. The Longcut – Repeated
Nogmaals Manchester. The Longhurst zijn bloedbroeders van Working For A Nuclear Free City. Misschien net iets meer rave, maar zeker net zo goed.

Link:
www.myspace.com/thelongcut

The Longcut ‘Repeated’ from Melodic on Vimeo.

4. Campag Velocet – The Trumping Men
Misschien wel de beste britpop van deze eeuw tot nu toe. En nooit doorgebroken. Hoe dat komt? Geen idee. Aan de kwaliteit van Campag Velocet lag het in ieder geval niet. Eeuwig zonde dat de band in 2005 de handdoek in de ring gooide.

Link:
www.myspace.com/campagvelocet

5. The Music – Getaway
Onderschat. Jazeker! The Music is geweldig, al is het materiaal zeker niet altijd even toegankelijk. Doet er niet. Ook op de dit jaar te verschijnen vierde langspeler gaat het viertal uit Leeds vlammen. En ja, grote kans dat het album wederom hoog in mijn top-10 van het jaar gaat eindigen. Zekerheidjes bestaan nog. Al blijft het vreemd dat The Music niet door iedereen wordt bewierookt.

Link:
www.myspace.com/themusic

4 comments » | pop

ANP: creatief met nieuwe mediaonderzoek

February 14th, 2010 — 4:18pm

Ach ja, doe eens gek. In tijden van economische malaise gaat het Nederlandse persbureau ANP zelf op onderzoek uit, in plaats van de persberichten van andere – al dan niet – onderzoeksbureaus over te schrijven. Goede zet? In het geval van de recente rondgang langs gemeenten om het gebruik sociale media te meten in ieder geval niet.

Lees verder bij: Frankfurt, rondblik in het landschap @ Gonzo (circus).

Comment » | gonzo circus, journalistiek, kritiek, nieuwe media, oude media

Maandag? Lijstjesdag! #3

February 8th, 2010 — 10:25pm

Oei! Laatste post? Het lijstje van vorige week maandag. Dat betekent? Precies ja. Nu kan ik natuurlijk plechtig beloven dat ik mijn blog vanaf nu weer veel aandacht ga geven. Waarvan acte. Vandaag in ieder geval weer een lijstje. Wegens griep, die behoorlijk heftig was (hoe erg? Zelfs geen zin in het luisteren van muziek. Zo erg dus), ditmaal weer een ludiek lijstje. Onder het mom van ‘Amerikaanse hiphop is al vanaf midden jaren negentig zwaar overgewaardeerd en Amerikaans (niet Brits) is de lelijkste raptaal ooit én in Holland is Kyteman zo lekker underground gebleven en kan Frans B zo goed met kinderen omgaan’ een rondje buren (en één keertje vliegen).

1. Kery James & Mac Tyer – Patrimoine du Ghetto Calista Film (Frankrijk)

2. Nitro Di – Sem Rancor (Brazilië)

3. Fresku – Twijfel (Nederland)

4. Het VerZet – Promo (Limburg)

5. Verdikt – Kop In Wolken (Vlaanderen)

6. Kollegah – Herbst (Duitsland)

4 comments » | pop

Maandag? Lijstjesdag! #2

February 1st, 2010 — 6:19pm

De Moordlijst van OOR bestaat niet meer. Dat heeft tenminste één voordeel: individuele lijstjes zeggen altijd meer dan door consensus gekleurde gezamenlijke. De afgelopen week verliep relatief rustig qua mediaconsumptie, al reisde ik op en neer tussen Haarlem en Heerlen voor een vergadering en de tentoonstelling van Stanley Donwood. Veel nieuwe muziek luisterde ik niet. Toch een lijstje? Jazeker! Maar wel slechts een top-3.

1. Spoelstra – The Almighty Internet
Muzikale postmoderniteit, dát is dit langspeeldebuut van Spoelstra. Hij vat er het internet in muziek. Bijna letterlijk. Dit is muziek met de intensiteit van informatiestromen die iedere seconde van de dag op ons worden afgevuurd. Geen ontkomen aan? Nou, dat valt mee. Wie in de muziek zelf gaat zitten, hoort opeens de strakke structuren en duidelijke patronen die Spoelstra onder de geluidschaos heeft neergelegd. Mooi? Daar ben ik nog niet over uit. Wel een intrigerende plaat, dit The Almighty Internet.

2. Red Zone van Stanley Donwood, SCHUNCK*, Heerlen
Goed, voor negentiger jaren grafisch ontwerp kun je me ’s nachts wakker maken. Het werk van Stanley Donwood – bekend geworden als ontwerper van Radiohead-producten – ademt het futuristische idee van dat tijdperk. Zijn werk is niet in hokjes te stoppen en is zwanger van de toekomst. Donwood exposeerde al eerder in Nederland, maar Heerlen heeft een primeur: Red Zone is het meest complete overzicht van het werk van de Brit tot nu toe. In de categorie: moet je zien.

3. The Medium Is The Massage van Marshall McLuhan en Quentin Foire
Mijn oude exemplaar bleek onvindbaar, dus kocht ik The Medium Is The Massage in de pocketuitvoering. In de trein gelezen en toch (weer) aangenaam verrast door de scherpe observaties van McLuhan. Prachtig grafische bijdragen van Foire, overigens. Die staan naast de tekst van McLuhan geheel op zichzelf. IJzersterke combinatie. Nooit gedacht dat ik het ooit zou vinden, maar: essentieel leesmateriaal voor mediastudenten.

1 comment » | Uncategorized, nieuwe media, oude media, pop

Back to top